Zoveelste poging ordening goudsector

HET ‘BEESTJE’ HEEFT nu een andere naam, maar lijkt, gezien de opzet, eigenlijk precies op zijn voorgangers, die geen van allen succesvol waren. De werkgroep ‘Beleids- en Managementteam Transformatie Artisanale Goudwinning’ heeft donderdag een plan gepresenteerd aan president Jennifer Geerlings-Simons. Ze noemt het plan “niet perfect”, maar dat er een vertrekpunt moet zijn.

Het ‘niet perfecte plan’ voorziet in een gefaseerde aanpak, waarbij eerst pilots worden uitgevoerd. Daarbij zullen mijnbouwrechthouders, machinehouders en personen die momenteel illegaal in de sector actief zijn, worden geregistreerd en waar mogelijk in een georganiseerd systeem worden opgenomen. “Ook voorzieningen zoals werk- en verblijfsvergunningen en toegang tot gezondheidszorg maken deel uit van de voorgestelde aanpak”, laat de Communicatiedienst Suriname weten.

Waarom dan niet optreden tegen de illegale goudzoekers in het land, die het milieu nog meer beschadigen dan de mennonieten tot nu toe hebben gedaan?

Wie dit leest, krijgt ongetwijfeld flashbacks naar 2021, toen de commissie Ordening Goudsector, onder leiding van Gerold Dompig, actief was. Met snelle boten en stoere wagens trok de commissie het binnenland in om werkers te registreren. Iedereen die een machine had, moest worden geregistreerd en zou zich moeten melden bij de belastingdienst.

Het grote vertoon was van korte duur: de operatie, die overigens handenvol geld kostte, stierf een gewisse dood. De enige herinneringen aan deze periode zijn de kapotte wagens op het terrein van de Geologisch Mijnbouwkundige Dienst, waarop nog het logo van toen te zien is.

De regering-Santokhi/Brunswijk maakte vervolgens een plan. Het zou niet alleen gaan om registratie, maar goudzoekers zouden ook een pasje met een code krijgen waarmee ze hun goud zouden moeten verkopen. De commissie kreeg de naam Ordening Kleinschalige Goudsector en stond onder leiding van Wesley Rozenhout, de oud-directeur van Grassalco, onder wiens directeurschap vorig jaar zo’n vier kilo goud bij het bedrijf verdween.

Rozenhout vocht tijdens de Binnenlandse Oorlog onder Ronnie Brunswijk. Als vicepresident én goudondernemer moest Brunswijk door Rozenhout op de hoogte worden gehouden van de vorderingen van de commissie. Ook dat werd – nogal voorspelbaar – geen succes.

Geerlings-Simons heeft hoog van de daken verkondigd dat ze niet in herhaling wil treden. “Wat zij hebben gedaan, heeft niet gewerkt”, zei ze meermaals tegen de pers. Toch lijken de plannen van deze werkgroep, zoals beschreven in het persbericht, eigenlijk precies op de aanpak van de twee vorige commissies. Wat zal er dus voor zorgen dat het dit keer wel slaagt?

Opmerkelijk is dat Geerlings-Simons, net als haar voorgangers, kennelijk kiest voor de aanpak met de ‘fluwelen handschoen’. Illegalen moeten legaal worden gemaakt. En zo te zien zal het de staat opnieuw aardig wat gaan kosten om dit te realiseren. Andere landen, zoals Frans-Guyana en Brazilië, hanteren een rigoureuzere aanpak. Wie illegaal in het land verblijft, moet vertrekken. Eigendommen die worden ingezet om illegaal goud te winnen, worden vervolgens vernietigd.

Het is te hopen dat de aanpak wat strakker wordt en dat illegale goudzoekers die criminele handelingen verrichten – want illegaal goud winnen is een strafbaar feit – worden gestraft in plaats van in de watten te worden gelegd.

Met de kwestie rond de mennonieten is aangetoond dat de regering wel degelijk de daad bij het woord kan voegen. Waarom dan niet optreden tegen de illegale goudzoekers in het land, die het milieu nog meer beschadigen dan de mennonieten tot nu toe hebben gedaan? Het antwoord daarop moet nog komen.