Machu Picchu behoort tot de indrukwekkendste archeologische vindplaatsen ter wereld. De stad ligt op 2.430 meter hoogte in de Peruaanse Andes en werd in de vijftiende eeuw gebouwd onder keizer Pachacuti als religieus en bestuurlijk centrum van het Incarijk. In tegenstelling tot veel andere Incasteden bleef Machu Picchu grotendeels gespaard van Spaanse verwoestingen, omdat de conquistadores de verborgen bergstad nooit ontdekten. Rond 1550 werd de nederzetting verlaten, waarschijnlijk als gevolg van de pokkenepidemie die door Europeanen werd meegebracht. Daarna nam de jungle het gebied eeuwenlang over. Pas in 1911 bracht een lokale gids de Amerikaanse onderzoeker Hiram Bingham naar de ruïnes. Dankzij de uitzonderlijk bewaarde terrassen, tempels en stenen bouwwerken geldt Machu Picchu vandaag als een van de belangrijkste overblijfselen van de Inca beschaving en een UNESCO Werelderfgoedlocatie.