Suriname dreigt bij grootschalige landbouwontwikkeling inkomsten en natuurlijke voorzieningen te verliezen die volgens Johanna Langbroek, directeur van WWF-Guianas, veel meer waard zijn dan de berekende landbouwexport. In de plannen van de Braganza-groep worden de economische waarde van het regenwoud en de kosten van het verdwijnen ervan volgens haar onvoldoende meegenomen. Daardoor kunnen besluiten worden genomen waarvan de gevolgen onomkeerbaar zijn.
Langbroek uitte haar bezorgdheid tijdens de informatiesessie “Stop de grootschalige ontbossing van het Surinaamse regenwoud” bij University Guesthouse. De bijeenkomst was georganiseerd door het collectief van Surinaamse milieu- en natuurorganisaties, de Groene NGO’s, en Milieuwetenschappen.
Volgens haar wordt de waarde van het bos in de door Braganza gepresenteerde strategisch-economische visie voor het binnenland niet correct weergegeven en zelfs “enorm onderschat”. De organisaties hebben zich verenigd omdat zij een andere ontwikkelingsvisie hebben en vraagtekens plaatsen bij de economische onderbouwing van de landbouwplannen.
Het gevaar is volgens Langbroek dat Suriname landbouwopbrengsten als winst beschouwt, terwijl de waarde van wat daarvoor moet verdwijnen buiten de berekening blijft. Het gaat onder meer om mogelijke inkomsten uit koolstofkredieten en bosfondsen, maar ook om schoon water, voedselvoorziening, klimaatregulatie en de leefomgeving van gemeenschappen.
Opbrengst landbouw vertelt niet het hele verhaal
Langbroek stelt dat de waarde van het bos veel hoger ligt dan de opbrengsten uit de verkoop en export van landbouwproducten die Braganza berekent. De diensten die het ecosysteem aan Suriname levert, worden volgens haar onvoldoende meegewogen.
Die worden behandeld als zogenoemde externe effecten: gevolgen die buiten de directe financiële berekening van een project vallen. Dat betekent volgens haar echter niet dat ze geen economische waarde hebben of dat het verlies ervan geen kosten veroorzaakt.
Sommige bosdiensten zijn relatief eenvoudig in geld uit te drukken, andere veel moeilijker. In beide gevallen moeten ze volgens de WWF-directeur worden erkend voordat besluiten over grootschalige ontbossing worden genomen.
Zij verwees daarbij naar het artikel “De Mennonietenkwestie” van A. Boerleider, waarin volgens haar een gedetailleerde berekening van de boswaarde wordt gemaakt.
Koolstofkredieten als mogelijke inkomstenbron
Een van de grote potentiële inkomstenbronnen die Langbroek noemt, is de verkoop van koolstofkredieten. Volgens haar is het ministerie van Olie, Gas en Milieu daarover in onderhandeling met onder meer Deutsche Bank.
Zij verbindt die mogelijkheden aan de bijzondere positie van Suriname als land dat meer koolstofdioxide opneemt dan uitstoot. Het behoud van het bos kan daardoor financiële waarde vertegenwoordigen.
Volgens Langbroek liggen de verwachte inkomsten uit koolstofkredieten vele malen hoger dan de landbouwopbrengsten die Braganza heeft berekend. Die landbouwramingen zijn naar haar oordeel bovendien te optimistisch.
Het gaat bij de koolstofkredieten om mogelijke inkomsten. Langbroek presenteerde deze als een kans die verder moet worden uitgewerkt en tot daadwerkelijke uitbetalingen moet leiden.
Jaarlijkse betaling voor staand bos
Daarnaast wees zij op de Tropical Forest Forever Facility (TFFF), een financieringsmechanisme waarmee landen met veel bos en weinig ontbossing jaarlijks geld zouden kunnen ontvangen voor het behoud van hun bosareaal.
Volgens Langbroek heeft Suriname belangstelling voor deelname kenbaar gemaakt. Zij noemde een mogelijke vergoeding van US$ 4 per hectare bos en een geschatte jaarlijkse opbrengst van US$ 45 miljoen voor Suriname. Het mechanisme zou volgens haar vanaf 2028 inkomsten kunnen opleveren.
Daar staat een belangrijke voorwaarde tegenover: de ontbossing moet beperkt blijven. Grootschalige boskap kan daarmee ook gevolgen hebben voor de mogelijkheid om dergelijke inkomsten te ontvangen.
Langbroek gaf aan dat een deel van de middelen uit deze financieringsvormen rechtstreeks ten goede moet komen aan lokale gemeenschappen in het binnenland. Andere middelen kunnen volgens haar worden ingezet voor sociale projecten en andere nationale prioriteiten.
Verdwijnen van bos brengt nieuwe kosten mee
Naast mogelijke betalingen voor bosbehoud levert het regenwoud dagelijks voorzieningen waarvoor bij aantasting vervanging moet worden gezocht. Langbroek noemde biodiversiteit, klimaatregulatie, de waterhuishouding en de beschikbaarheid van zoetwater.
Naarmate de ontbossing toeneemt, nemen deze voordelen volgens haar af. De kosten daarvan kunnen bij de overheid, ondernemers en lokale gemeenschappen terechtkomen.
Zij wees onder meer op de gevolgen wanneer mensen niet langer kunnen vertrouwen op de kwaliteit van riviervis. Als gemeenschappen zelf vis moeten gaan kweken om veilig voedsel beschikbaar te houden, brengt dat kosten met zich mee. Hetzelfde geldt voor maatregelen om schoon water beschikbaar te houden wanneer natuurlijke waterbronnen worden aangetast.
Volgens Langbroek horen ook zulke uitgaven thuis in de economische beoordeling van landbouwontwikkeling. Een berekening die alleen kijkt naar productie en export, laat volgens haar een belangrijk deel van de rekening buiten beeld.
Voor bewoners van het binnenland heeft het bos bovendien een betekenis die verder gaat dan geld. Het is hun woon- en leefomgeving en levert producten en diensten waarvan zij dagelijks afhankelijk zijn.
Geld verdienen zonder het bos te kappen
Langbroek benadrukte dat bosbehoud economische activiteiten niet uitsluit. Zij noemde ecotoerisme als mogelijkheid om inkomsten te genereren terwijl het bos blijft staan.
Daarbij verwees zij naar een uitspraak van klimaatadviseur John Goedschalk tijdens de presentatie van het Tourism First-initiatief: een gekapte boom levert één keer geld op, terwijl een staande boom via natuurtoerisme herhaaldelijk inkomsten kan opleveren.
Ook agroforestry, waarbij landbouw wordt gecombineerd met het behoud van bomen, biedt volgens haar mogelijkheden. Andere voorbeelden zijn medicinale planten en producten met een hogere toegevoegde waarde. In de achtergrondinformatie bij de sessie wordt daarnaast bijenteelt in savannegebieden genoemd.
Arme bosbodem maakt intensieve landbouw duurder
Langbroek plaatste ook vraagtekens bij de geschiktheid van de bosbodem voor grootschalige intensieve landbouw. Zij wees op het lage fosforgehalte en de behoefte aan extra middelen om de productie op peil te houden.
Volgens haar kunnen de kosten daardoor op termijn aanzienlijk hoger uitvallen dan in de berekeningen van Braganza wordt voorgesteld. Een toenemend gebruik van landbouwchemicaliën kan bovendien nieuwe risico’s voor de waterkwaliteit veroorzaken.
De economische afweging moet volgens Langbroek daarom verder gaan dan de vraag hoeveel landbouwproducten Suriname kan exporteren. Ook de waarde van het staande bos, de geschiktheid van de bodem en de kosten voor de samenleving moeten worden meegerekend voordat regenwoud plaatsmaakt voor landbouw.
The post Langbroek: Suriname dreigt boswaarde te verliezen door te rooskleurige landbouwplannen appeared first on Suriname suriname.
- Spaans concert bij 50 jaar diplomatieke betrekkingen Surina…..
- Clubdamkampioen Randjietboys slaat dubbelslag..
- Een sterkere Belastingdienst, maar voor wie?..
- Per abuis in vrijheid gestelde arrestant wederom ingesloten..
- War on ?..
- Betterson: discussie over mennonieten moet op feiten berust…..
- Dodelijke aanrijding tussen twee bromfietsers aan de M.L.K.…..
- Qatar waarschuwt voor verdere wereldwijde energieschok door…..
- Sapoen wil voorkomen dat burgers nooit horen dat zij zijn a…..
- Drinkwater geen luxe..
- VS vaardigen arrestatiebevel uit tegen Raúl Castro wegens v…..
- Black & Sexy Events pakt groots uit met White Christmas…..
- Tweede editie Boeken, Bier en Meer smaakt naar meer..
- Per abuis vrijgelaten arrestant meldt zich opnieuw bij poli…..
- Nederlandse reizigers grootste groep bij aankomst in Surina…..
- Jamara Held nieuwe Miss Teen Suriname..
- Drie keer gewaarschuwd in nog geen half jaar: wanneer hande…..
- Twee bromfietsers komen om bij afzonderlijke aanrijdingen o…..
- VLIEGENDE SCHEERMESSEN..
- ‘Bagasi – Wat we meedragen’ opent koffer met koloniaal verl…..
- Plunderingen en rellen teisteren Europese steden: winkels l…..