Guyanezen kopen brood op krediet

Terwijl Guyana internationaal wordt geprezen als een van de snelst groeiende economieën ter wereld, tekent zich op straat een ander beeld af. Ondanks miljarden Amerikaanse dollars uit offshore olieproductie en omvangrijke goudreserves, kampen steeds meer gewone burgers met financiële problemen. Voor velen is de economische druk inmiddels zo groot dat zij genoodzaakt zijn om basisproducten zoals een enkel broodje, een butter flap of een klein gebakje op krediet te vragen, om de week door te komen.
Recente financiële cijfers tonen aan dat het Natural Resource Fund (NRF) van Guyana eind 2025 meer dan USD 3,25 miljard bevatte.
Voor 2026 wordt bovendien nog eens USD 2,79 miljard aan olie-inkomsten verwacht. Tegelijkertijd is de nationale begroting gestegen naar een recordhoogte van GYD 1,558 biljoen, omgerekend ongeveer USD 7,5 miljard. Buitenlandse multinationals, voornamelijk Canadese mijnbouwbedrijven, blijven daarnaast grote hoeveelheden goud uit het binnenland winnen. Toch lijkt deze economische rijkdom nauwelijks door te sijpelen naar de werkende bevolking, die steeds harder wordt getroffen door stijgende prijzen. De recente verhoging van brandstofprijzen met meer dan 12 procent bij staatsstations, heeft de situatie verder verergerd. In combinatie met een nauwelijks gereguleerde huurmarkt, waar een eenvoudige eenkamerwoning in Georgetown inmiddels tussen de GYD 130.000 en GYD 250.000 per maand kost – veel meer dan het salaris van een gemiddelde ambtenaar – zien veel Guyanezen hun koopkracht volledig verdampen.
Voor kleine buurtwinkels, die vaak het economische hart vormen van arbeiderswijken, worden de dagelijkse aankopen een pijnlijk meetinstrument van de crisis. Een winkelier uit Sophia vertelde aan Kaieteur News dat steeds meer klanten losse broodjes en butter flaps vragen, soms zelfs op krediet. Een enkele tennis roll verkoopt zij voor GYD 40 en een butter flap voor GYD 100, maar wat haar vooral opvalt is dat klanten vragen om deze producten later te mogen betalen.
“Weekend is voor balancing up”, vertelde zij. “Mensen krijgen wekelijks betaald en komen dan terug om hun schulden af te lossen. Maar velen hebben simpelweg niet genoeg geld om vooruit te komen.”
Volgens de winkelier herinnert deze situatie aan eerdere economische depressies, toen armoede eveneens zichtbaar was in de dagelijkse strijd om voedsel. “Groenten zijn duurder geworden, de busprijzen zijn omhoog gegaan en alles kost geld. Een pond okra kost nu GYD 300 op de markt. Als je dat koopt, moet je ook nog vlees hebben om het eten aan te vullen. Daarna moet je ook nog de bus betalen.”
Een andere winkelier uit Better Hope aan de East Coast, bevestigt dezelfde trend. Vooral kinderen komen losse broodjes kopen met slechts GYD 100 op zak, bedoeld voor zowel eten als transport. Soms zijn volwassenen gedwongen hetzelfde te doen.
“Als ik kan helpen, dan help ik”, zegt zij. “Mijn vader zei altijd dat je mensen nooit moet wegsturen als ze om eten vragen.”
Ook elders in Georgetown wordt hetzelfde patroon zichtbaar. Op Stabroek Market vertelt een verkoper van pasteitjes dat klanten die vroeger meerdere snacks tegelijk kochten, nu vragen of één enkel gebakje op rekening mag worden gezet tot vrijdag.
“Mijn schrift staat vol met bedragen van GYD 40 en GYD 80 die mensen nog moeten betalen”, zegt hij. “Hoe kunnen we een olierijk land zijn als mensen hun eten alleen nog op vertrouwen kunnen kopen?”
Aan .zijde van de Demerararivier, in Vreed-en-Hoop, wijst een kleine ondernemer vooral op de explosieve stijging van huurprijzen. Woningen die vroeger voor GD 30.000 per maand werden verhuurd, kosten nu soms GD 80.000 of meer. “Na het betalen van de huur en de buskosten, blijft er niets meer over”, zegt zij. “Voor gezinnen met veel kinderen is het bijna onmogelijk. Scholen geven misschien eten overdag, maar wat gebeurt er wanneer die kinderen thuiskomen?”
Ook marktverkopers in Mon Repos en snackverkopers nabij het Linden-buspark merken dat klanten hun aankopen halveren. Waar vroeger volledige maaltijden werden gekocht, vragen mensen nu om halve porties of slechts een beetje boter op een broodje. “Niemand koopt nog een volledige maaltijd”, vertelt een verkoper. “Alles is nu ‘half food’. Mensen rekenen uit hoeveel ze kunnen eten zonder dat ze hun busgeld verliezen.”
De schrijnende verhalen van deze kleine ondernemers staan in scherp contrast met de optimistische economische cijfers die de regering en internationale financiële instellingen regelmatig publiceren. Hoewel de Guyanese overheid benadrukt dat miljarden uit het oliefonds worden ingezet voor grote infrastructurele projecten zoals nieuwe wegen, bruggen en ziekenhuizen, blijft voor veel burgers de economische groei voorlopig een abstract begrip.
Zonder effectieve huurregulering en met voortdurende prijsstijgingen door internationale marktontwikkelingen lijkt de veelbesproken olieboom voor de werkende klasse vooral te betekenen dat zelfs dagelijks brood, steeds vaker alleen nog op krediet verkrijgbaar is.
 
The post Guyanezen kopen brood op krediet ..