Anno 2026 zien we snel verschuivende internationale machtsverhoudingen met een ingewikkelde wisselwerking tussen politieke, economische, technologische en militaire krachten. Er ontstaan voor landen, regio’s en internationale organen enorme uitdagingen in de overgang naar een nieuwe wereldorde en een onvoorspelbare toekomst. Dit artikel gaat over de ‘ontwikkelingsparadox’ van Guyana, die te midden van de olieboom ‘groei zonder ontwikkeling’ meemaakt. Kan Suriname met de offshore oliewinning deze paradox voorkomen?
Tekst en beeld Jack Menke
De ontwikkelingsparadox verwijst naar een enorme economische groei die gepaard gaat met minder welzijn en een onrechtvaardigere economische verdeling. Guyana heeft door de olieboom de snelst groeiende economie in de wereld en ervaart de ‘ontwikkelingsparadox’, die zich eerder voordeed met bauxiet en goud.
De commerciële offshore oliewinning met ExxonMobil als drijvende kracht heeft het per capita (per hoofd van de bevolking) inkomen van ongeveer 6.000 dollar vóór de olieboom doen toenemen tot ruim 30.000 dollar binnen zes jaar. Guyana behoort daarmee tot de groep landen met een hoog per capita inkomen.
Hier tegenover staat volgens het Democracy and Development Report 2026 van het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP) dat Guyana door de enorme emigratie van vooral geschoolde professionals, de vierde plaats inneemt in Latijns-Amerika en het Caribisch Gebied. Dit is slechts één plaats achter Haïti, dat worstelt met enorme interne conflicten.
Explosieve economische groei
Guyana’s explosieve groei sinds de commerciële winning in 2019 wordt zichtbaar bij een bezoek aan de hoofdstad Georgetown. De schijnwelvaart uit zich vooral in vernieuwde wegen, internationale hotelketens, woningbouwprojecten, gemoderniseerde ziekenhuizen en luxe appartementen.
Volgens het Internationaal Monetair Fonds liep Guyana tussen 2022 en 2024 internationaal voorop met een gemiddelde reële BBP-groei van 47 procent per jaar. Na een geschatte totale economische groei van 19,3 procent in 2025 voorspelt de Wereldbank een aanhoudende en grotere groei, waarmee het buurland zijn positie als snelst groeiende economie in Latijns-Amerika en het Caribisch Gebied consolideert.
Verlies menselijk kapitaal
Terwijl de projecties zijn de 400.000 barrels olie per dag van 2024 te verdrievoudigen in 2027 wordt de schaduwzijde van ‘groei zonder ontwikkeling’ steeds duidelijker: groeiende ongelijkheid, armoede en braindrain.
Guyana heeft, ondanks de ongekende economische groei door offshore olie, het grootste verlies aan menselijk kapitaal in Zuid-Amerika. Het wegtrekken betreft vooral professionals die emigreren naar de Verenigde Staten en Canada, waarmee het buurlanden Venezuela en Suriname ver achter zich laat. Ook bij vergelijking met het Caribisch gebied staat Guyana aan top samen met Jamaica en Haïti. Volgens het Democracy and Development Report 2026′ staat Guyana door de emigratie van geschoolde professionals op de twaalfde plaats in de wereld wat betreft braindrain en op de vierde plaats in Latijns-Amerika.
De record economische groei van Guyana gaat ook gepaard met een enorme maatschappelijke ongelijkheid. De economische groei verhoogt niet automatisch de levenskwaliteit van de meerderheid van de bevolking. Gaandeweg gaat de inkomensongelijkheid zwaarder wegen dan de schijnwelvaart in de vorm van moderne infrastructuur en malls.
Van socialisme naar kapitalisme
Voormalig Brits-Guyana (nu Guyana) is het eerste land in Zuid-Amerika waar de PPP een socialistische partij met aanhang onder de grootste etnische groepen (Hindostanen en Creolen) in 1953 de verkiezingen won. De Britse kolonisator reageerde op de overwinning van deze politieke partij met het afkondigen van de noodtoestand en honderd dagen gevangenschap van de politiek leider Cheddi Jagan.
De weg naar de onafhankelijkheid van Brits-Guyana voltrok zich vervolgens in een internationale ‘Koude Oorlog’ sfeer. Na de noodtoestand in 1953 en de Britse interventie gericht tegen de socialistische regering werden tegenstellingen binnen de PPP aangewakkerd.
Hierna splitste deze voorheen eenheidspartij met Cheddi Jagan en Forbes Burnham zich in de PNC (Burnham) en de PPP (Jagan). Een bundeling van oppositionele groepen – PNC, United Force (UF) en vakbonden – gesteund door de VS, zorgde voor meer politieke polarisatie. Dit resulteerde in 1963 en 1964 in sociale onrust en geweld met een sterke etnische ondertoon. In deze situatie verloor de regering-Jagan haar gezag.
De Britse kolonisator greep in om de rust te herstellen. Het kiesstelsel werd gewijzigd van een meerderheids- naar een evenredig stelsel. Dankzij het nieuwe kiesstelsel won de politieke alliantie geleid door de PNC de verkiezingen van 1964. De UF en de PNC vormden een coalitieregering en in 1966 werd Guyana politiek onafhankelijk.
Sindsdien is er in deze samenleving een politiek klimaat met een scheiding tussen de PNC en de PPP, wat samenvalt met de scheiding tussen Creolen en Hindostanen. Guyana werd 28 jaar lang (1966-1984) autocratisch geleid door Forbes Burnham. Sinds 1992 zijn er weer eerlijke verkiezingen en is er afwisselend een PNC-plus en een PPP-plus-regering.
(lees verder onder de )
Keerzijde Guyana’s olietijdperk
Anno 2026 zien we met de huidige PPP-regering in Guyana een verschuiving naar een model dat de slechtste kanten van het Amerikaans politieke systeem weerspiegelt, een vorm van kapitalisme, gekenmerkt door bescherming van de elite en het scheppen van toenemende ongelijkheid. De huidige Guyanese politiek draait om commerciële oliebelangen, lobbyisten en het garanderen van winsten. De topdogs krijgen belastingvoordelen en juridische bescherming, terwijl de bevolking wordt gevraagd om ‘harder te werken’ en ‘geduld te hebben’.
We zien nu ook steeds meer met staatsmiddelen ingehuurde buitenlandse lobbybedrijven die investeerders bevoordelen ten opzichte van burgers. Dit leidt tot stijgende kosten van levensonderhoud en een groeiende kloof tussen politieke elites en gewone burgers. Olie-inkomsten worden, net als de rijkdom van Amerikaanse bedrijven, geconcentreerd in plaats van verdeeld. Dit wordt verkocht als ‘ontwikkeling’, maar de voordelen komen doorgaans niet bij de armen terecht.
Diversificatie pogingen
In zowel koloniaal Guyana als Suriname werden initiatieven van de bevolking om de economie te diversifiëren gedwarsboomd door de koloniale overheid die een economische monocultuur in stand hield. Guyana kende tot ver in de twintigste eeuw een suikermonocultuur die de economische pijler bleef tot na de Tweede Wereldoorlog. In Suriname was bauxiet de leidende sector, in tegenstelling tot Guyana waar deze sector door mismanagement en nationalisatie ten onder ging.
In zowel Guyana als Suriname is na de staatkundige onafhankelijkheid de koloniale monocultuur strategie zonder succes voortgezet. Het frustreren van pogingen tot diversificatie tussen 1900 en 1940 betekende tevens dat belangrijke op gang gebrachte lokale productieactiviteiten buiten de koloniale plantages – met uitzondering van rijst – van geen betekenis meer waren tegen het einde van deze periode.
Lessen voor Suriname
Zal Suriname na 2028, net als Guyana, vervallen in de ‘Hollandse ziekte’? Dit betekent dat de waarde van de lokale munt stijgt als gevolg van de productie en export verkoop van offshore olie. Door deze waardestijging wordt de concurrentiepositie van Guyana minder en valt de export terug, met als gevolg verminderde economische productie en stijgende werkloosheid.
Bovendien wordt de economie eenzijdiger omdat de sterke positie van de bloeiende sector (in dit geval olie) de overige sectoren wegdrukt. In de huidige losbandige wereld is offshore olie nog de belangrijkste drijfveer in de internationale economie en politiek.
Guyana noch Suriname heeft de koloniale cirkel van een eenzijdige door het buitenland gedomineerde minerale economische exploitatie doorbroken. De minder voorspelbare internationale verhoudingen dwingen beide landen om nieuwe ontwikkelingskansen te benutten. Suriname en Guyana onderscheiden zich door de enorme biodiversiteit en grotendeels ongerepte bossen die fungeren als de longen van de aarde maar bovendien duurzame ontwikkelingskansen bieden.
Wat Suriname betreft is de beste optie om met alle deskundigheid in de Zuid-Amerikaanse regio een gediversifieerde ontwikkelingsstrategie te ontwerpen met als uitgangspunt een harmonische relatie met de natuur. Hiermee doorbreekt het niet alleen de mijnbouw afhankelijkheid, maar kan het land tevens de meerderheid van zijn volk behoeden voor de negatieve gevolgen van de zoveelste grondstoffenvloek.
- Vermiste bootpassagier dood aangetroffen nabij Stoelmanseil…..
- Derde helft WK 2026: Team Brazilië barst van talent, moet z…..
- Interpol weigert OM wederom opsporingsverzoek tegen Hoefdra…..
- KLM tankt voorlopig in Cayenne door ‘commercieel’ dispuut m…..
- Prijzen in Suriname liggen gemiddeld 10,9 procent hoger dan…..
- Advocaat Lim A Po jr.: ‘Het ligt aan de staat Suriname om d…..
- Politie Nickerie houdt drie verdachten aan ter zake diefsta…..
- President Simons onderscheidt Surinaamse wetenschapper Rudi…..
- Wijziging Comptabiliteitswet 2024 unaniem aangenomen..
- Suriname ziet binnen 18 maanden mogelijke oliedoorbraak in …..
- Brazilië ondersteunt Suriname met 100.000 vaccins en malari…..
- Lions prikdag: Gratis bloeddruk- en glucosetesten bij Huize…..
- Samen koken..
- Overpeinzingen olie-inkomsten en impact op Inheemse gemeens…..
- Voorbij de olieboom..
- Keuren van vlees ook verplicht tijdens Eid al-Adha..
- Uitspraak CCJ bevestigt noodzaak versterking rechtsstaat in…..
- Cubaanse leerlingen op school: ‘Ze doen alleen mee met rek…..
- Tosi Doro Collectief brengt Surinaamse componisten tot leve…..
- Menstruatieproducten verminderen school- en werkverzuim ond…..
- DNA-lid Dijksteel: ‘Zonder IMF-programma zou er geen FID zi…..