PARAMARIBO – Transparantie, goed bestuur en een betere voorbereiding op de verwachte olie-inkomsten vormden vrijdag de rode draad tijdens het betoog van verschillende assembleeleden tijdens de tweede ronde van de begrotingsbehandeling 2026. Rabin Parmessar (NDP), voorzitter van de commissie van rapporteurs, Jeffrey Lau (NPS) en Krishna Mathoera (VHP) uitten vanuit verschillende invalshoeken hun zorgen over de wijze waarop de regering zich voorbereidt op de economische veranderingen die de olie- en gassector met zich mee zal brengen.
Openheid gevraagd over Havenbeheer-Medserv
NDP-fractieleider en voorzitter van de Commissie van Rapporteurs Parmessar stelde vragen over het contract tussen Havenbeheer en het internationale logistieke bedrijf Medserv. Volgens hem staat niet alleen een havenproject op het spel, maar ook de internationale geloofwaardigheid van Suriname als toekomstig olie- en gasland.
Parmessar wees erop dat Havenbeheer een overeenkomst heeft gesloten met Medserv voor de ontwikkeling van havenfaciliteiten die de offshore-olie- en gasindustrie moeten ondersteunen. Volgens hem bevat het contract strikte voorwaarden, waaronder de tijdige oplevering van een steiger met een draagvermogen van twintig ton per vierkante meter.
De parlementariër wilde van de regering weten of het project inderdaad uiterlijk op 21 december 2026 moet zijn afgerond en of de werkzaamheden nog volgens planning verlopen. Daarnaast vroeg hij of de uitvoering via een openbare aanbesteding is gegund, of daarbij een preferentieregeling voor Surinaamse bedrijven is toegepast en of de aanbesteding rechtmatig heeft plaatsgevonden.
Vrees voor financiële schade
Parmessar vroeg tevens duidelijkheid over de financiële risico’s wanneer de afgesproken opleverdatum niet wordt gehaald. Volgens hem bevatten de contractvoorwaarden zware boetebepalingen bij vertraging of wanprestatie. Hij verwees naar bepalingen waaruit zou blijken dat de boete kan oplopen tot minimaal US 150.000 dollar per week, aangevuld met indirecte kosten wanneer Medserv moet uitwijken naar een andere haven en extra vertragingskosten van US 50.000 dollar per 24 uur.
Ook bracht hij signalen naar voren dat Medserv inmiddels gedeeltelijk zou uitwijken naar Dordt N.V. in Commewijne, waar een internationaal bouwbedrijf volgens hem al werkzaamheden uitvoert.
“Wie zal daarvoor verantwoordelijk worden gehouden en is de regering daarop voorbereid?” vroeg Parmessar. Volgens hem raakt de kwestie rechtstreeks aan de geloofwaardigheid van Suriname als betrouwbare partner binnen de internationale olie- en gasindustrie.
Hij verzocht de regering daarom De Nationale Assemblée inzage te geven in de contracten, aanbestedingsdocumenten, projectplanning, voortgangsrapportages en risicoanalyses. “Goed bestuur betekent niet alleen achteraf uitleggen waarom iets is misgelopen. Goed bestuur betekent tijdig ingrijpen voordat schade ontstaat.”
Lau: ‘De olie-economie begint vandaag’
NPS-parlementariër Jeffrey Lau legde de nadruk op de bestuurlijke voorbereiding op de verwachte olie-inkomsten. Volgens hem bevindt Suriname zich op een historisch kruispunt, maar vormen natuurlijke rijkdommen op zichzelf geen garantie voor duurzame ontwikkeling. “De olie-economie begint niet wanneer de eerste commerciële olie wordt geproduceerd. De olie-economie begint vandaag, met de keuzes die wij maken in deze begroting”, stelde hij.
Volgens Lau ligt de grootste uitdaging niet zozeer bij de beschikbaarheid van financiële middelen, maar bij de uitvoering van beleid. “Suriname heeft niet in de eerste plaats een geldprobleem, maar een uitvoeringsprobleem. We beschikken over plannen, wetten en beleidsdocumenten, maar de samenleving wil vooral resultaten zien.”
Hij wees erop dat Suriname inmiddels beschikt over belangrijke wetgeving, zoals de Comptabiliteitswet en het wettelijke kader voor het Spaar- en Stabilisatiefonds. Volgens hem schiet de uitvoering daarvan echter nog regelmatig tekort.
Daarnaast pleitte Lau voor meer transparantie binnen de overheid en de parastatale sector. Als voorbeeld noemde hij de Surinaamse Luchtvaart Maatschappij (SLM), die volgens hem al jarenlang geen jaarverslag heeft gepubliceerd. Staatsbedrijven moeten volgens hem tijdig financiële verantwoording afleggen, zodat zowel het parlement als de samenleving beter toezicht kan houden op de besteding van publieke middelen.
Hij benadrukte voorts dat de olie-inkomsten slechts een middel zijn en geen doel op zich. “De echte rijkdom van een land bevindt zich niet onder de grond, maar in onze mensen. De geschiedenis zal ons niet beoordelen op hoeveel olie wij hebben gevonden, maar op wat wij ermee hebben opgebouwd.”
Mathoera wil integrale begroting
VHP-fractielid Krishna Mathoera richtte haar kritiek op de opzet van de begroting. Volgens haar zijn middelen voor hetzelfde beleid verspreid over verschillende ministeries en fondsen, waardoor de controle op de besteding van belastinggeld wordt bemoeilijkt. “De begroting is gefragmenteerd en moeilijk controleerbaar. Middelen zijn verspreid over verschillende posten en fondsen, waardoor het voor De Nationale Assemblée én de samenleving moeilijk wordt om inzicht te krijgen in de werkelijke besteding van publieke middelen.”
Om haar punt te illustreren noemde Mathoera verschillende voorbeelden. Zo is volgens haar SRD 44 miljoen voor armoedebestrijding opgenomen op de begroting van Financiën en Planning, terwijl het ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting hiervoor nog eens SRD 200 miljoen heeft begroot.
Ook wees zij op de energiesector. Op de begroting van Financiën en Planning is SRD 2,4 miljard gereserveerd voor subsidies aan Energie Bedrijven Suriname, terwijl op de begroting van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen nog eens SRD 700 miljoen voor energie is opgenomen. Daarnaast noemde zij het Woningbouwfonds, waarvoor SRD 260 miljoen op de begroting van Financiën staat, terwijl volkshuisvesting onder Sociale Zaken en Volkshuisvesting valt.
Volgens Mathoera moet beleid ondergebracht worden bij de ministeries die daadwerkelijk verantwoordelijk zijn voor de uitvoering, zodat concrete en meetbare resultaten kunnen worden gerealiseerd.
Investeren in toerisme
Naast haar kritiek op de begrotingsstructuur pleitte Mathoera voor meer investeringen in de toerismesector. Zij wees erop dat president Jennifer Simons toerisme in haar jaarrede als strategische sector heeft aangemerkt, terwijl daarvoor slechts SRD 87 miljoen is uitgetrokken.
Volgens haar moet Suriname de ambitie hebben het aantal toeristen in enkele jaren te verdubbelen van ongeveer 100.000 naar 200.000 bezoekers per jaar. Dat vraagt volgens haar om een integraal ontwikkelingsplan met investeringen in luchtverbindingen, veiligheid, infrastructuur, promotie, horeca en toeristische voorzieningen.
Mathoera stelde voor een deel van de SRD 2,5 miljard die op de begroting van Financiën is gereserveerd voor speciale projecten, in te zetten voor de uitvoering van een nationaal toerismeprogramma.
- DSB ziet sterke groei in digitaal bankieren..
- Assembleeleden dringen aan op transparantie en beter bestuu…..
- Karuwiri faya voorkomen..
- Afonsoewa pleit voor grondige opschoning van staatsbegrotin…..
- WIE BETAALT DE ZOVEELSTE SCHADE..
- Jagesar waarschuwt voor tekort aan arbeidskrachten richting…..
- Inbraak in woning Santodorp: SRD 160.000 en sieraden buitge…..
- Mathoera: Begroting is versnipperd en daardoor moeilijk con…..
- De ideale basisschool..
- Platform moet langetermijnvisie voor Suriname tot 2050 uitw…..
- Massale vissterfte zorgt voor onrust onder bewoners Boven-S…..
- Pawiroredjo zet vraagtekens bij omvang personeel kabinet vp…..
- DSB behaalt internationaal erkende certificering voor infor…..
- Rusland: ‘Suriname wijzigt standpunt over ‘Tigri’ nie…..
- Warm en drukkend weer; Saharastof zorgt voor heiige lucht..
- Regering investeert SRD 635 miljoen in versterking gezondhe…..
- Derde helft WK 2026: VAR dooft Iraans feest: Egypte en Iran…..
- Venezolanen zoeken zelf naar vermisten terwijl dodental sne…..
- Parmessar waarschuwt voor miljoenenclaim Havenbeheer-projec…..
- Drie scholieren blijven vast in AI deepfakezaak..
- Hakimi vecht procesbesluit aan in Franse zedenzaak..