SERIEUS!? / Ivan Cairo
De recente giframp bij de (Boven-)Saramaccarivier, waarbij metersdikke lagen dode vissen dreven, is geen ongeluk dat uit de lucht kwam vallen. Het is het voorspelde en vermijdbare resultaat van jarenlange bestuurlijke onverschilligheid.
Metingen van de Nationale Milieu Autoriteit wezen al snel uit dat cyanide- en kwikresten het water hebben vergiftigd, vermoedelijk doordat een slecht aangelegd bassin van goudzoekers op een concessie van het staatsmijnbouwbedrijf Grassalco overstroomde tijdens een hevige regenbui. Is het daarom dat het zo lang duurt om definitief vast te stellen wat de bron van de contaminatie is?
“Zolang de overheid blijft handelen vanuit brandjes blussen in plaats van preventief ingrijpen, blijft de volgende gifgolf in een rivier slechts een kwestie van tijd”
De reactie van de regering laat zien hoe diep de laksheid geworteld zit. President Geerlings-Simons schoof de schuldvraag terzijde met de mededeling dat het niet uitmaakt wie verantwoordelijk is, zolang de slachtoffers maar worden gecompenseerd. Dat klinkt barmhartig, maar het is een gevaarlijke vrijbrief voor straffeloosheid. Haar uitspraak is moeilijk te begrijpen.
Natuurlijk verdienen de slachtoffers snelle hulp. Maar compensatie kan nooit een vervanging zijn voor verantwoordelijkheid. Juist het vaststellen van schuld is essentieel. Niet om een zondebok aan te wijzen, maar om te achterhalen welke controles hebben gefaald, welke regels zijn overtreden en hoe herhaling kan worden voorkomen. Zonder aansprakelijkheid blijft nalatigheid zonder consequenties.
Nog verontrustender dan de vervuiling zelf, is wat deze gebeurtenis blootlegt. Bewoners van Pikin Saron sloegen al bijna een jaar geleden alarm. Zij waarschuwden voor het gebruik van gevaarlijke chemicaliën, de gebrekkige controle en de risico’s voor mens en milieu. Hun waarschuwingen verdwenen in de bekende bestuurlijke molen.
Gesprekken werden gevoerd, toezeggingen gedaan, maar effectieve maatregelen bleven uit. Zoals zo vaak schitterde de overheid opnieuw door laksheid en bestuurlijke impotentie. Er werd niet geluisterd, de bewoners werden weggewuifd en nu worden de brokstukken opgeruimd met lege compensatiebeloften.
Het scenario dat zich in het Boven-Saramaccagebied heeft voorgedaan doet onheilspellend denken aan de ecologische catastrofe bij de Omai-goudmijn in buurland Guyana in 1995. Toen begaf een dam van een afvalopslagplaats het, waardoor miljoenen liters met cyanide verontreinigd water en slib de Omai- en vervolgens de Essequiborivier in stroomden. Het leidde tot een nationale milieuramp, het uitroepen van een rampgebied en verwoestende langetermijngevolgen voor het aquatische leven en de lokale economie. Omai schudde de regio destijds wakker, maar in Paramaribo lijkt men hervan niet te hebben geleerd.
In Suriname wordt al meer dan vijftien jaar gesproken over ordening van de kleinschalige goudsector. Commissies kwamen en gingen. Rapporten verschenen. Wetgeving werd aangekondigd. Ondertussen glippen gevaarlijke stoffen als cyanide en kwik ongecontroleerd het land binnen, woekeren illegale praktijken voort en blijft de staat tekortschieten in haar basale handhaving. Nu wordt opnieuw een Gold Board gepresenteerd als de oplossing die eindelijk structuur, transparantie en controle moet brengen. Het zou mooi zijn als dit werkelijk het keerpunt wordt. Maar de geschiedenis leert dat mooie plannen zonder daadkracht weinig waarde hebben.
De goudkoorts levert de staat broodnodige inkomsten op. Niemand verwacht dat de goudwinning morgen stopt. Maar economisch nut mag nooit een vrijbrief zijn voor ecologische roofbouw en het gijzelen van de leefomgeving van de inheemse en tribale bevolking.
Zolang de overheid blijft handelen vanuit brandjes blussen in plaats van preventief ingrijpen, blijft de volgende gifgolf in een rivier slechts een kwestie van tijd. Moet het écht eerst misgaan op gigantische schaal voordat we wakker schrikken? Iedere gemiste inspectie, iedere vergunning zonder adequate controle en iedere genegeerde waarschuwing vergroot het risico op een volgende calamiteit.
De werkelijke vraag is daarom dus niet wie de schade betaalt. De vraag is of Suriname werkelijk eerst zijn eigen Omai-ramp nodig heeft voordat iedereen inziet dat voorkomen altijd goedkoper is dan genezen.
ivancairo@yahoo.com
- Lula en Flávio Bolsonaro nek-aan-nek in Braziliaanse verkie…..
- Simons ziet mogelijkheden om salarissen van werkenden te ve…..
- EEN FRANS ÉÉN-TWEETJE..
- Warm begin van de dag, later opnieuw kans op stevige onweer…..
- Man in Wales bewaart overleden moeder bijna drie jaar in vr…..
- Delhi zet stevig in op elektrische voertuigen in strijd teg…..
- Recensieoverzicht: nieuwe album Ariana Grande laat duidelij…..
- Edgar Davids ambassadeur voor SV Coronie Boys..
- Schoenen van Justin Bieber en top van Shakira leveren veel …..
- Universal eert Ozzy Osbourne met twee spookhuizen in pretpa…..
- Bewoners De Nieuwe Grond vragen om meer politie in de wijk..
- Column: Wie is er bang voor de Marowijne?..
- President Simons: Geen lening afgesloten bij Bank of Americ…..
- Chemisch lek op Grassalco-concessie mogelijk oorzaak van vi…..
- Simons: bedrijven draaien op voor gevolgen vissterfte Saram…..
- Kersten schenkt USD 25.000 voor laatste restauratiefase Eli…..
- Lösche pleit voor hardere aanpak van seksueel misbruik van …..
- Suriname stuurt voedsel en hulpgoederen naar aardbevingsgeb…..
- Bekende percussionist en instrumentenmaker Bongo Charlie ov…..
- Summit Duurzaam Suriname werkt aan nationale visie voor 204…..
- Simons: Meer tijd nodig om schade te herstellen..