Voorzitter Steven Debipersad van de Vereniging van Economisten in Suriname (VES) heeft opgeroepen 2026 vooral te zien als een jaar om economische kansen gericht te benutten. Volgens hem biedt dit jaar een belangrijk venster om groei productief te maken, zonder oude fouten te herhalen. “2026 is niet alleen een jaar van consolideren, maar ook een moment om kansen te grijpen — zonder te forceren,” stelde hij donderdag tijdens de nieuwjaarsreceptie van de organisatie.
Debipersad benadrukte dat Suriname in 2026 economisch gezien in een tweesporige realiteit zit. Enerzijds is er meer rust dan in de crisisjaren 2020 en 2021. Anderzijds blijft de sociale druk hoog door kwetsbare koopkracht en armoedestress. De uitdaging is om stabiliteit te laten doorwerken naar huishoudens en ondernemers. Groei moet volgens hem voortkomen uit investeringen, export en werkgelegenheid en niet uit consumptie of geldcreatie.
Moreel en economisch ijkpunt
Voor de VES-voorzitter is 2026 een moreel en economisch ijkpunt. Het is het jaar waarin Suriname kan laten zien dat het lessen heeft getrokken uit het verleden en toekomstige rijkdom niet vooruit verteert. De keuzes van nu bepalen of olie-inkomsten een zegen of een valkuil worden.
‘Als we inkomsten koppelen aan goed beheer en kansen aan verantwoording, kan Suriname niet alleen economisch groeien, maar ook als samenleving sterker worden.’
Dat vraagt om leiderschap dat verder kijkt dan de korte termijn, beleid dat politieke cycli overstijgt en instituties die sterk genoeg zijn om verleidingen te weerstaan. “Laat 2026 het jaar worden waarin vertrouwen wordt verankerd: in beleid, in instituties en in elkaar,” zei hij. “Als we inkomsten koppelen aan goed beheer en kansen aan verantwoording, kan Suriname niet alleen economisch groeien, maar ook als samenleving sterker worden.”
Terugblik op 2025Debipersad noemde 2025 een jaar van transitie. Meerdere belangrijke momenten kwamen samen: het einde van het IMF-EFF-programma in maart, de verkiezingen in mei en de start van een nieuwe regering onder leiding van president Jennifer Geerlings-Simons. Economisch markeerde 2025 de overgang van crisisbeheer naar een fase waarin Suriname meer op eigen kracht beleid moet voeren.
Het IMF-programma droeg bij aan macro-economische stabiliteit, het terugdringen van monetaire financiering en schuldherstructurering. Tegelijkertijd werd duidelijk dat het einde van het programma geen eindpunt is, maar het begin van grotere eigen verantwoordelijkheid. Zorgelijk was volgens Debipersad dat in aanloop naar de verkiezingen het financieringstekort toenam, reserves daalden en inflatoire druk terugkeerde. Dat onderstreept hoe kwetsbaar stabiliteit blijft zonder sterke begrotingsdiscipline en institutionele verankering.De les voor de toekomst is duidelijk, zei hij: als Suriname duurzaam wil profiteren van toekomstige olie-inkomsten, moet het leren omgaan met verkiezingsjaren zonder telkens macro-economische spanning te creëren.
Met de nieuwe regering brak in de tweede helft van 2025 een nieuwe fase aan, met hoge verwachtingen maar beperkte begrotingsruimte. Positief is dat institutionele versterking, transparantie en investeringen in menselijk kapitaal breed worden gedragen. De uitdaging is nu om dit consequent vol te houden.
De schuldpositie vraagt blijvende aandacht, vooral als het gaat om transparantie. Debipersad wees op vragen rond de schuldherschikking met Bank of America, waaronder het aangepaste aflossingsschema en de besteding van de aangetrokken middelen. Economisch liet 2025 een gemengd beeld zien: groei en sterkere beleidskaders, maar ook nieuwe inflatiedruk en sociale spanning door traag koopkrachtherstel.Kansen in 2026 benuttenDebipersad stelt dat 2026 ruimte biedt om economische kansen te benutten, vooral in aanloop naar olie- en gasproductie rond 2028. De investeringsdynamiek kan al eerder “spillovers” creëren in logistiek, bouw, zakelijke dienstverlening, toerisme en andere sectoren. Daarvoor is actief beleid nodig: sneller verlenen van vergunningen, betere ondersteuning van lokale ondernemers en gerichte ontwikkeling van vaardigheden.Naast olie en gas moeten ook andere sectoren worden versterkt. Investeringen in landbouw en agroprocessing kunnen bijdragen aan voedselzekerheid, werkgelegenheid en export. De dienstensector – inclusief financiële en kennisintensieve diensten – kan Suriname beter positioneren in de regio. Op de arbeidsmarkt zijn praktijkgerichte opleidingen en publiek-private trainingen nodig om Surinamers voor te bereiden op nieuwe kansen.
Voor VES staat vast dat geloofwaardigheid alleen ontstaat wanneer duidelijk is hoe middelen worden beheerd, waarvoor ze worden gebruikt en welke maatschappelijke resultaten worden bereikt.
Debipersad vroeg speciale aandacht voor scholing en het upgraden van kleine en middelgrote ondernemingen. “Dat gaat niet automatisch. Het kost geld en inzet, maar als we het samen doen, kunnen we grote stappen vooruitzetten.”Beheer van olie-inkomstenMet het oog op 2028 moet één uitgangspunt leidend zijn: extra inkomsten vergroten niet de ruimte voor vrijblijvendheid, maar juist de verantwoordelijkheid. Internationale ervaring leert dat landen vaker falen door zwak beheer dan door gebrek aan middelen. Volgens Debipersad tonen recente berichten over parastatale bedrijven aan dat Suriname kampt met integriteitsproblemen.
Daarom moet 2026 het jaar worden waarin de spelregels voor inkomstenbeheer, inclusief olie-inkomsten, ondubbelzinnig worden vastgelegd en nageleefd. Begrotingsdiscipline, transparantie en onafhankelijke controle vormen de kern van vertrouwen. Spaar- en stabilisatiemechanismen moeten niet alleen wettelijk bestaan, maar ook echt functioneren, met duidelijke stort- en onttrekkingsregels en openbare rapportage.
Voor VES staat vast dat geloofwaardigheid alleen ontstaat wanneer duidelijk is hoe middelen worden beheerd, waarvoor ze worden gebruikt en welke maatschappelijke resultaten worden bereikt. De economische beroepsgroep heeft volgens Debipersad de taak om kritisch te blijven, het publieke debat te voeden met feiten en een langetermijnperspectief te bieden.
- Ugandese oppositieleider met geweld afgevoerd na presidents…..
- Zondag 18 januari Wereld Religie Dag..
- Advocaat in SLM-drugszaak: OM heeft geen overtuigend bewijs…..
- 87 cursisten behalen SAO-certificaat na vaktraining..
- Leo Albert Mansro (81) Paramaribo 10-1-2026..
- Marie Heloise Florance Lie Atjam (78) Bussum 5-1-2026..
- Ruim 85 cursisten ontvangen SAO-certificaat na afronding va…..
- Shurly Lackin aan het roer van de nieuwe RvT STVS..
- Mathoera: ‘bij een beroep op mij sta ik open voor het VHP-v…..
- President plaatst landbouw centraal: Agrarische sector sle…..
- VES-voorzitter Debipersad: Economische kansen benutten, fou…..
- Wijnerman: “De kas was leeg, maar stilzitten was geen optie…..
- Presidentiële werkgroepen bezoeken Hahn Airport in voorbere…..
- Sudhar noteert eerste baunie in troefcallcompetitie..
- Mathoera: krachtig protesteren tegen iniatiefwet voor colle…..
- Het ‘America First’-beleid in een wereld zonder hegemon…..
- Een pand als prooi: de vreemde bezettingszaak rond het Orio…..
- DNL start landbouwtrainingen en zet in op zelfredzaamheid e…..
- DNA houdt hearings over afschaffing muilkorfartikelen..
- Simons: ‘Consistent beleid en moreel bestuur cruciaal voor …..
- Fernandes Bakkerij bakt aan de toekomst..