Tekst Ivan Cairo
PARAMARIBO – De wereldeconomie staat voor een nieuwe, risicovolle test. Waar de afgelopen jaren voornamelijk werden gekenmerkt door handelsbesprekingen en beleidsonzekerheid, zijn het nu geopolitieke risico’s die de boventoon voeren. In het dinsdag uitgekomen rapport ‘Trade and Development Foresights 2026’ waarschuwt VN-organisatie Unctad dat de wereldeconomie in een fragiele fase is beland. Langdurige onzekerheid dreigt te leiden tot fysieke tekorten en brede financiële stress.
De veerkracht waarmee de economie het jaar 2026 nog begon, gevoed door industriële productie en investeringen in kunstmatige intelligentie (AI), komt hiermee zwaar onder druk te staan. Unctad verwacht dat de wereldwijde economische groei zal afvlakken van 2,9 procent in 2025 naar 2,6 procent in 2026. Deze vertraging wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door stijgende energieprijzen, logistieke verstoringen in de transportsector, marktvolatiliteit en een vlucht van investeerders naar veilige financiële havens. De neerwaartse bijstelling legt ook bloot hoe kwetsbaar de moderne, diep verweven handels- en financiële systemen zijn wanneer regionale instabiliteit overslaat naar een wereldwijde economische schok.
Militair conflict overschaduwt handelsfricties
Gedurende een groot deel van de voorafgaande twaalf maanden vormde de onzekerheid over het internationale handelsbeleid de voornaamste tegenwind voor markten. Verschuivende regionale allianties en toenemende fricties in regelgeving hielden beleidsmakers wereldwijd in hun greep. De situatie veranderde echter op slag toen militaire escalaties uitbraken in het Midden-Oosten. Vrijwel van de ene op de andere dag verschoof de focus van de media, het beleggerssentiment en de internationale risico-indicatoren. Geopolitieke volatiliteit loste handelsspanningen onmiddellijk af als de grootste operationele bedreiging voor de mondiale commercie. In tegenstelling tot lokale politieke impasses bracht deze escalatie een kettingreactie op gang via de fijnmazige netwerken van de internationale handel, energievoorziening en financiële markten, waardoor diepgewortelde kwetsbaarheden pijnlijk zichtbaar werden.
De impact van een agressieve energieschok
De directe impact van deze crisis manifesteert zich in de eerste plaats als een agressieve aanbodschok op de energiemarkt. Onmiddellijk na het uitbreken van het conflict schoten de internationale energieprijzen omhoog. De wereldwijde olieprijzen stegen met meer dan 60 procent, terwijl de aardgasprijzen binnen enkele dagen tijd meer dan verdubbelden. Deze extreme beweeglijkheid zadelt centrale banken en economische planners wereldwijd op met een enorme administratieve en beleidsmatige uitdaging. Hoewel netto-energie-exporterende landen door de gestegen prijzen tijdelijk profiteren van onverwachte meevallers in hun schatkist, blijven de bredere langetermijngevolgen per saldo uiterst negatief. Consumenten in deze exporterende naties reageren immers fel op stijgende brandstofprijzen aan de pomp, wat de binnenlandse koopkracht uitholt, de consumptie onderdrukt en uiteindelijk de totale vraag naar geïmporteerde goederen vermindert. Dit raakt op termijn ook weer de externe handelspartners.
Voor grote energie-importerende regio’s zijn de vooruitzichten aanzienlijk somberder. De Europese Unie wordt geconfronteerd met zwaar oplopende energierekeningen, precies op het moment dat zij start met de cruciale infrastructurele voorbereidingen voor het komende winterseizoen. Dit vergroot het risico op aanhoudende inflatoire druk aanzienlijk. Toch zijn het de ontwikkelingslanden die de zwaarste klappen opvangen. In het hele mondiale Zuiden lijden staten onevenredig hard, omdat hun vraag naar vitale importproducten zoals brandstoffen, basisvoedsel en landbouwchemicaliën zeer onbuigzaam is; zij kunnen de consumptie hiervan simpelweg niet reduceren zonder acute lokale recessies of hongersnoden te riskeren. Terwijl een economische grootmacht als China zichzelf dankzij enorme strategische oliereserves nog enigszins kan beschermen tegen kortstondige prijsschokken, zien de meeste opkomende markten hun betalingsbalans in snel tempo verslechteren.
Overheden grijpen in met dure noodreparaties
Om grootschalige maatschappelijke onrust te voorkomen en de directe binnenlandse impact van deze geïmporteerde prijsschokken te dempen, zag een lange lijst van regeringen zich genoodzaakt direct in te grijpen. Landen als India, Brazilië, Indonesië, Mexico, Egypte, Pakistan en Vietnam hebben ingrijpende administratieve maatregelen doorgevoerd, variërend van rigide prijsplafonds tot omvangrijke subsidies op brandstof. Ook de regering-Simons plaatste een prijsplafond op brandstof. Hoewel deze noodprogramma’s tijdelijk verlichting bieden aan de burger, brengen ze, aldus het rapport, astronomische fiscale kosten met zich mee. Hierdoor verdwijnen kostbare overheidsreserves die eigenlijk hard nodig zijn voor duurzame infrastructuurprojecten, onderwijs en armoedebestrijding.
Tegelijkertijd weerspiegelt de energiecrisis de diepe paniek op de wereldwijde financiële markten, waar een uitgesproken, atypische vlucht naar veiligheid de traditionele economische wetten tart. Historisch gezien verplaatst kapitaal zich tijdens grote geopolitieke crisismomenten vloeiend naar de langetermijnstaatsschulden van geavanceerde westerse economieën. In deze crisis reageren internationale investeerders echter terughoudender. Hoewel de vraag naar de Amerikaanse dollar sterk blijft – wat leidt tot een wijdverbreide waardedaling van valuta’s in ontwikkelingslanden – eisen beleggers paradoxaal genoeg veel hogere rendementen om langlopende obligaties van ontwikkelde landen aan te houden. Zelfs traditionele vluchthavens zoals goud zagen hun prijzen sinds het begin van het conflict dalen, wat duidt op een complexe, gelaagde herstructurering van hoe de financiële wereld risico’s inschat.
Kapitaalvlucht treft opkomende markten hard
Deze omslag in het sentiment heeft een abrupt einde gemaakt aan een periode die juist zeer veelbelovend begon voor opkomende economieën. In het voorgaande jaar en tot begin januari zorgden een verzwakkende dollar en een institutionele zoektocht naar ondergewaardeerde activa nog voor een enorme toestroom van kapitaal naar de ontwikkelingswereld. Internationaal kapitaal stroomde massaal naar ETF’s (Exchange Traded Funds) en staatsobligaties in Azië, Latijns-Amerika en Afrika. Die hoop verdampte op het moment dat het conflict escaleerde en een wereldwijde verkoopgolf op de aandelenmarkten veroorzaakte. Aandelenindices van opkomende markten kelderden in één maand tijd met meer dan 12 procent. Deze plotselinge kapitaalvlucht dwingt lokale centrale banken nu om hun monetaire beleid fors te verkrappen om hun eigen munten te ondersteunen.
Ongelijkheid in de groene transitie
In haar analyse wijst Unctad bovendien op een diepe structurele ironie met betrekking tot de wereldwijde energietransitie. Vanuit een puur commercieel en kostenoogpunt hebben hernieuwbare energietechnologieën de strijd feitelijk al gewonnen; in 91 procent van de onderzochte regio’s is grootschalige schone energie inmiddels goedkoper dan nieuwe fossiele alternatieven. Investeren in hernieuwbare bronnen biedt bovendien een ijzersterk macro-economisch schild tegen internationale brandstofschokken en geopolitieke chantage.
Toch blijft de mondiale kapitaalallocatie voor schone technologie pijnlijk ongelijk verdeeld. Terwijl de uitgifte van groene obligaties wereldwijd sterk groeide, trok het gehele continent Afrika – dat over 60 procent van de beste natuurlijke zonne-energiebronnen ter wereld beschikt – slechts een schamele 2 procent van de totale mondiale investeringen in schone energie aan. Deze enorme scheefgroei houdt het mondiale Zuiden gevangen in een vicieuze cirkel van afhankelijkheid van een fossiele economie waar zij zelf geen grip op heeft.
De wereldeconomie kan volgens Unctad niet los worden gezien van haar geopolitieke realiteit. Nu het aantal actieve gewapende conflicten wereldwijd ongekende hoogten bereikt, brokkelt het fundament onder betrouwbare internationale handel gestaag af. Mocht het conflict in het Midden-Oosten overgaan in een langdurige uitputtingsoorlog, moet de wereldgemeenschap zich schrap zetten voor nog veel diepere systemische schokken. Een aanhoudende crisis dreigt een oncontroleerbare financiële kettingreactie te ontketenen die kwetsbare markten definitief de afgrond in kan duwen. Het navigeren door dit turbulente tijdperk vereist dat wereldleiders de korte-termijnpolitiek overstijgen en nu daadkrachtig investeren in veerkrachtige toeleveringsketens, schuldstabilisatie en een eerlijk gefinancierde, wereldwijde energietransitie.-.
- Brandweer kampt met beperkingen bij inzet brandbestrijding …..
- Obductierapport: overleden goudzoekers niet door kogels ger…..
- Rechter wil patholoog-anatoom horen in Pikin-Saronzaak..
- Cuyuni-passage: Guyanezen opnieuw beschoten door Venezolaan…..
- Gezamenlijke aanpak nodig tegen wateroverlast na hevige reg…..
- Leerlingen Anton Resida spreken openlijk over pesten en cyb…..
- Advies aan Nederlandse minister: Maak archieven over Surina…..
- Corruptiebestrijding is geen prioriteit..
- De Surinaamse betalingsmoraal..
- Stijging soa onder jongeren: Diakonessenhuis zet in op prev…..
- Overheid licht huisvestingsprogramma toe aan bouwsector..
- GRO-programma voor naschoolse opvang en rehabilitatie sport…..
- BLOOMentuin start opleiding voor AI-coaches in Suriname..
- Zuidoost-Azië zoekt oplossing voor energie- en voedseltekor…..
- “Kinderen kunnen niet wachten”: Simons geeft startsein voor…..
- President en granman Aboikoni overleggen over ontwikkeling …..
- Achterstallige betalingen treffen nadeling voor onderhoud s…..
- India strategische partner voor Suriname..
- Oliemarkt blijft onder druk ondanks mogelijke vredesdeal tu…..
- Laatste auditieronde voor Miss, Mister en Miss Teen Surinam…..
- Armazoen maakt vrijheid en gevangenschap voelbaar..