Het is zonder meer een goede zaak dat vicepresident Gregory Rusland Suriname vertegenwoordigt tijdens internationale bijeenkomsten. Tijdens het vijfde UNESCO Global Forum against Racism and Discrimination in Den Haag benadrukte hij de bijzondere positie van Suriname als multiculturele samenleving, waarin verschillende bevolkingsgroepen, religies, talen en tradities samen de nationale identiteit vormen. Een terecht uitgangspunt. Maar wanneer een regeringsfunctionaris spreekt over culturele identiteit en historische erkenning, mag ook worden gekeken naar de manier waarop de eigen overheid met dat erfgoed omgaat. Want terwijl de vicepresident in Den Haag de bijzondere geschiedenis van Suriname onder de aandacht brengt, staat een belangrijk onderdeel daarvan onder druk. De historische binnenstad van Paramaribo is officieel geplaatst op de UNESCO-lijst van Werelderfgoed in Gevaar. Dat is geen administratieve formaliteit, maar een ernstige waarschuwing dat de uitzonderlijke historische en architectonische waarde van onze hoofdstad onvoldoende wordt beschermd. Wij gunnen de vicepresident zijn internationale optreden. Maar heeft Rusland van de gelegenheid gebruikgemaakt om ook met vertegenwoordigers van de UNESCO te spreken over de toekomst van het historische centrum van Paramaribo? Heeft hij de bedreigde status van ons werelderfgoed nadrukkelijk aan de orde gesteld? En zo ja, welke concrete afspraken of toezeggingen zijn daaruit voortgekomen? Suriname kreeg in 2002 internationale erkenning toen de historische binnenstad van Paramaribo op de Werelderf-goedlijst werd geplaatst. De combinatie van koloniale houten architectuur, het oorspronkelijke stratenpatroon en lokale bouwtechnieken maakte de stad bijzonder. Die erkenning bracht echter ook verplichtingen met zich mee. Een werelderfgoedstatus is geen onderscheiding die na ontvangst zonder verdere inspanning behouden blijft. UNESCO heeft inmiddels duidelijk gemaakt waar de problemen liggen.
De aantasting van het historische stadsbeeld, onder meer door ontwikkelingen rond het Onafhankelijkheidsplein, de Waterkant, het nieuwe gebouw van De Nationale Assemblee en de Yogh-parkeergarage, heeft bijgedragen aan de zorgen over de uitzonderlijke universele waarde van het gebied. Daarnaast vormen achterstallig onderhoud, brandgevaar, vervallen monumenten, beperkte financiële middelen en gebrekkige handhaving blijvende bedreigingen.
Opvallend is dat Suriname wel beschikt over wetgeving, beschermingsmechanismen, beheersplannen en organisaties die verantwoordelijk zijn voor het behoud van het gebouwde erfgoed. De Stichting Gebouwd Erfgoed Suriname (SGES) heeft echter onvoldoende personeel, middelen en bevoegdheden om haar taken volledig uit te voeren. Het probleem is dus niet uitsluitend een gebrek aan regels, maar vooral de uitvoering ervan. Wat is de waarde van beschermingswetgeving wanneer overtredingen onvoldoende worden voorkomen en monumentale panden ondertussen verder achteruitgaan?
Het Werelderfgoedcomité heeft Suriname gevraagd uiterlijk 1 februari 2027 een uitgebreid rapport in te dienen over de staat van instandhouding van de binnenstad en de uitvoering van de aanbevelingen.
Ook het Managementplan 2024-2028 en PURP II moeten bijdragen aan een betere bescherming en een duidelijkere verdeling van verantwoordelijkheden. Maar boekt de overheid voldoende voortgang? Wie neemt daadwerkelijk de verantwoordelijkheid wanneer bouwprojecten het historische karakter aantasten? Welke instanties moeten optreden en beschikken zij daarvoor over voldoende bevoegdheden? En hoeveel politieke bereidheid bestaat er om economische en bestuurlijke belangen ondergeschikt te maken aan de bescherming van nationaal erfgoed?
Er zit immers een duidelijke tegenstrijdigheid in het benadrukken van onze culturele diversiteit en historische ontwikkeling, terwijl tastbare onderdelen van diezelfde geschiedenis onvoldoende worden beschermd. Een multiculturele samenleving bestaat niet alleen uit mensen, tradities en gezamenlijke verklaringen.
Ook historische gebouwen, monumenten en de omgeving waarin onze geschiedenis zich heeft voltrokken, maken deel uit van de nationale identiteit. De plaatsing op de lijst van bedreigd werelderfgoed betekent niet dat Paramaribo zijn UNESCO-status onmiddellijk verliest. Het is wel een signaal dat de internationale erkenning niet vanzelfsprekend is. De komende periode zal moeten uitwijzen of Suriname in staat is de noodzakelijke correcties door te voeren en de aanbevelingen daadwerkelijk uit te voeren. Een land dat zijn geschiedenis en culturele identiteit wil uitdragen, moet ook bereid zijn die te beschermen. Dat vraagt meer dan beleidsvoornemens, beheersplannen en verantwoordelijke instanties op papier. Het vraagt politieke keuzes, financiële middelen, deskundigheid en vooral handhaving.
The post SURINAME PRAAT OVER DIVERSITEIT TERWIJL PARAMARIBO VERVALT ..
- Leger des Heils wil 1.500 minderbedeelden voorzien van kers…..
- Van welkom tot uitzetting – hoe het mennonietenproject vast…..
- SLM komt opnieuw met drastische bezuinigingen..
- Barbados bereikt belangrijke mijlpaal in strijd tegen hiv..
- Ondanks man minder: Notch houdt Robinhood in bedwang..
- Achter ieder kind staat een omgeving. Maar staat die omgevi…..
- Surinaamse musea willen krachten bundelen in museumassociat…..
- WAAKZAAMHEID GEBODEN MET VOGELGRIEP..
- CIRCUS BINNEN STAATSBEDRIJVEN..
- Su Aid wil US$ 244.000 inzamelen voor betere zorg aan baby’…..
- Su Aid wil ruim SRD 9 miljoen inzamelen voor medische appar…..
- Su Aid wil ruim SRD 9 miljoen ophalen voor kinderzorg ̵…..
- ‘Barbie’ mishandelt taxichauffeur en misdraagt zich tegenov…..
- Menselijke resten aangetroffen bij Pokigron..
- BRANDGEVAAR EN ONVERANTWOORD GEDRAG..
- Veira: Staat schendt Vreemdelingenwet bij uitzetting mennon…..
- Badmintonner Opti drievoudig nationaal kampioen, passeert C…..
- Regering-Simons neemt grondconversies onder de loep: overdr…..
- 63 mennonieten uit Suriname gezet, nieuw kort geding stond …..
- Mennonieten vandaag Suriname uitgezet, kort geding staat vo…..
- Coronie krijgt Verhalenmuseum..