Staat Suriname veroordeeld tot betaling achterstallig loon aan OW-werknemers

PARAMARIBO – De Staat Suriname is door de kantonrechter veroordeeld tot betaling van achterstallig loon aan 52 werknemers van het ministerie van Openbare Werken & Ruimtelijke Ordening (OWRO). Het gaat om leden van de Bond Personeel Openbaar Groen en Afvalbeheer (BPOGA). Dat blijkt uit een vonnis in kort geding van 18 december 2025, dat uitvoerbaar bij voorraad is verklaard.

De rechter stelde vast dat er sprake is van een rechtsgeldige dienstbetrekking tussen het ministerie en de betrokken werknemers. De Staat moet aan elke werknemer bij wijze van voorschot een bedrag van SRD 10.847 uitbetalen over de maand juli 2025. Dit bedrag moet worden vermeerderd met een wettelijke rente van 6 procent per jaar, ingaande 16 september 2025 tot de dag waarop volledig is betaald.

Daarnaast is de Staat veroordeeld tot betaling van de proceskosten, die aan de zijde van de werknemers zijn begroot op SRD 10.680. Daarin is een bedrag van SRD 7.500 opgenomen voor het salaris van de gemachtigden. Overige of aanvullende vorderingen zijn door de kantonrechter afgewezen.

In het vonnis wordt ook vermeld dat de procesgemachtigde van de Staat tijdens de zitting had toegezegd dat het maandloon zou worden uitbetaald. Volgens de BPOGA is deze toezegging tot op heden niet nagekomen.

De advocaat heeft namens de werknemers de minister van Openbare Werken & Ruimtelijke Ordening opnieuw gesommeerd om per direct over te gaan tot betaling van het toegewezen loonbedrag, inclusief de wettelijke rente. Daarnaast wordt geëist dat de dienstbetrekking daadwerkelijk wordt geëffectueerd, zodat de werknemers hun werkzaamheden kunnen hervatten.

De bond benadrukt dat haar leden bereid en beschikbaar zijn om te werken en dat het uitblijven van werkhervatting volledig te wijten is aan de werkgever. Als de Staat Suriname het vonnis niet tijdig en volledig naleeft, sluiten de werknemers en hun bond niet uit dat zonder verdere aankondiging executiemaatregelen worden genomen. De gevolgen daarvan komen volledig voor rekening en risico van de Staat Suriname.