SML verwacht na zes seizoenen financieel op eigen benen te staan

De Suriname Major League (SML) denkt niet het zal lukken om in de aanvankelijk geplande transitieperiode van vier jaar meteen volledig financieel zelfstandig zal zijn. Voorzitter Rolf Verwey denkt dat er nog circa twee extra seizoenen hiervoor nodig zullen zijn. De SML zit nu ongeveer halverwege het vierjarige transitietraject. In die periode moet de competitie steeds minder afhankelijk worden van externe financiering en een groter deel van haar inkomsten zelf verdienen.

Tekst Marinio Balsemhof

Beeld FB Suriname Major League

“Wij zijn begonnen met ongeveer 15 procent van het budget uit eigen inkomsten. Inmiddels zitten wij rond de 50 procent”, zegt Verwey tegen de Ware Tijd. Het streven is om binnen de komende drie seizoenen naar volledige financiële zelfstandigheid toe te groeien. Echter, volgens hem zal het bereiken van die doelstelling sterk afhangen van de verdere ontwikkeling van de deelnemende clubs.

“Wij kannibaliseren ons eigen publiek door vijf wedstrijden op één locatie te spelen”

Een belangrijke verandering staat gepland voor het seizoen 2027/2028. Vanaf dan moment moeten clubs zelf hun thuiswedstrijden organiseren. Momenteel gebeurt dat met zowel de thuis- als uitwedstrijden door de SML. Die betaalt hierdoor een groot deel van de kosten, bijvoorbeeld accommodatie, wedstrijdaankleding, arbitrage en medische voorzieningen. Die constructie zal veranderen wanneer clubs weer daadwerkelijk als thuisploeg gaan fungeren. De verenigingen moeten zich daar nu al organisatorisch en financieel op voorbereiden.

Ook in grotere professionele competities behoren wedstrijdorganisatie en accommodatie tot de aanzienlijke kostenposten, legt Verwey uit. SML heeft de afgelopen jaren het hoofd boven water weten te houden dankzij sponsors, commerciële partners en de Surinaamse Voetbalbond (SVB). Verwey zegt dat de bijdrage van de bond belangrijk is geweest voor het op gang brengen en ontwikkelen van de competitie, maar die ondersteuning wordt, zoals oorspronkelijke gepland, geleidelijk verminderd.

Begonnen is met rond 550.000 Amerikaanse dollar, die intussen, tot het afgelopen seizoen, is verlaagd naar ongeveer 240.000 dollar. Voor het komende seizoen wordt ongeveer eenzelfde bedrag verwacht. De SML moet het verschil steeds meer via eigen commerciële activiteiten opvangen. Verwey benadrukt daarbij dat niet alleen de league, maar vooral ook de clubs sterker commercieel moeten worden. Sponsoring, marketing en het ontwikkelen van een eigen achterban moeten onderdeel worden van de dagelijkse bedrijfsvoering.

Stadionbezoek

Het beperkte aantal toeschouwers bij wedstrijden wordt regelmatig als kritiekpunt genoemd. Verwey stelt dat dit probleem in breder verband moet worden bezien. Hij wijst erop dat ook andere landen in het Caribisch Gebied moeite hebben om grote aantallen supporters naar clubwedstrijden te trekken. Hij noemt als voorbeeld de Dominicaanse Republiek met ongeveer elf miljoen inwoners, van wie er bij sommige regionale wedstrijden slechts enkele honderden aanwezig zijn.

De SML-voorzitter noemt als een van de problemen in Suriname het centraal organiseren van vrijwel alle wedstrijden. “Wij kannibaliseren ons eigen publiek door vijf wedstrijden op één locatie te spelen.” Wedstrijden moeten weer naar de buurten en thuishavens van de clubs gaan, wat kan leiden tot lokale marketing en een sterkere band tussen club, buurt en supporters. De verantwoordelijkheid om het publiek naar de stadions te krijgen moet uiteindelijk vooral bij de verenigingen liggen.

Verwey gelooft niet dat live-uitzendingen supporters ervan weerhouden om naar het stadion te gaan. De uitdaging ligt vooral bij hoe men een wedstrijd beleeft. “Wij moeten samen met de clubs ervoor zorgen dat mensen naar het stadion willen komen. De beleving moet er zijn.” Daarom moeten rondom wedstrijden activiteiten worden ontwikkeld die een bezoek aan het stadion aantrekkelijker maken.

Met meer zelfstandigheid van de clubs komt ook meer verantwoordelijkheid. Een van de licentievoorwaarden is  dat elke vereniging die bij SML is aangesloten jaarlijks een goede financiële verantwoording moeten indienen. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de financiële gezondheid en solvabiliteit van de vereniging. “Het is tenslotte een profcompetitie. De kwaliteit moet hoog zijn en hoog blijven. Als je niet aan de voorwaarden kunt voldoen, kun je niet in de SML spelen.”

Robinhood zoekt de aanval op in de ontmoeting tegen Inter Wanica. Op de achtergrond een deel van de lege tribune in het Franklin Essed Stadion, een veel voorkomend beeld tijdens het afgelopen seizoen.

Andere aanpak

SML heeft sinds haar korte bestaan een positie opgebouwd die ook regionaal wordt opgemerkt. De Suriname Major League heeft een ontwikkeling ingezet die binnen de regio met belangstelling wordt gevolgd. “Wij moeten de lat telkens hoger leggen. Het is hard werken en het is niet altijd even leuk, maar het werpt wel vruchten af. Wij hebben een nieuwe industrie gestart die wij verder ontwikkelen.”

Ook sportief blijft de wens van SML duidelijk dat een play-offsysteem onderdeel zou zijn van de competitie. Het uitgangspunt was om de spanning gedurende het seizoen zo lang mogelijk vast te houden. Voor het komende seizoen zijn verschillende modellen aan de clubs voorgelegd. De algemene ledenvergadering heeft uiteindelijk gekozen voor een systeem waarbij na de eerste fase alleen de zes sterkste ploegen doorgaan. De voorzitter verwacht dat vooral in de slotfase veel onderlinge wedstrijden tussen de sterkere ploegen zullen worden gespeeld, wat de spanning en het niveau ten goede moeten komen.

Dat de SML na enkele seizoenen een vaste plaats binnen het Surinaamse voetbal heeft gekregen, blijkt niet alleen uit de investeringen van clubs, maar ook uit de online belangstelling, zegt Verwey.  Hij ziet daarnaast een stijgende lijn in het voetbalniveau. Die ontwikkeling moet volgens hem uiteindelijk ook zichtbaar worden wanneer Surinaamse clubs deelnemen aan regionale Concacaf-competities.

Volledig professioneel voetbal betekent uiteindelijk ook dat spelers hun inkomen uit de sport kunnen halen. Volgens Verwey is Suriname nog niet op dat punt. Hij noemt dat geen uitzonderlijke situatie voor een jonge professionele competitie. “Het is bij geen enkele opstart zo geweest dat spelers onmiddellijk alleen van voetbal konden leven. Dat is een ontwikkeling die jaren kan duren.”

Wel ziet hij een positieve trend. Steeds meer spelers richten zich volledig of grotendeels op voetbal. Voor Verwey is ook dat een belangrijke graadmeter voor de professionalisering. De komende jaren worden daarmee bepalend voor de volgende fase van de SML. “Een sterke league kan alleen bestaan wanneer ook de clubs zelf professioneel georganiseerd zijn.”