door Ivan Cairo
PARAMARIBO — De regering heeft krachtig gereageerd op kritiek uit Guyana op maritieme heffingen van Suriname op de Corantijnrivier. Volgens Paramaribo gaat het niet om nieuw beleid, maar om bestaande wettelijke bepalingen die vallen onder de jurisdictie van Suriname. De kosten worden, zo stelt het ministerie van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS), consequent en zonder discriminatie toegepast op alle vaartuigen.
De verklaring volgt op publieke uitlatingen van de Guyanese president Irfaan Ali, die via sociale media zijn bezorgdheid uitte over de rechtmatigheid van de heffingen. Ali sprak van een “verontrustende ontwikkeling” die negatieve gevolgen heeft voor ondernemers, met name in de hout- en mijnbouwsector.
“Ik wens de regering van Suriname eraan te herinneren dat Surinaamse bedrijven en investeerders al lang profiteren van de mogelijkheden binnen onze economie, waar zij hebben geopereerd zonder discriminatie of onnodige beperkingen”President Irfaan Ali
Volgens Suriname is er in 2012 slechts één specifieke uitzondering gemaakt, die uitsluitend gold voor vaartuigen die werkten ter ondersteuning van de Guyana Sugar Corporation (GuySuCo). Deze vrijstelling was volgens de regering een gerichte samenwerkingsmaatregel en nadrukkelijk niet bedoeld als algemene regeling.
Dialoog
Paramaribo benadrukt verder dat het al op 12 januari diplomatieke correspondentie naar Guyana heeft gestuurd over de kwestie, maar dat een formele reactie tot nu toe is uitgebleven. In plaats van publieke verklaringen roept het ministerie op tot dialoog via diplomatieke kanalen, waarbij eventuele verzoeken tot uitbreiding van de eerdere vrijstelling bespreekbaar zijn.
President Ali stelt dat de heffingen onnodige handelsbarrières opwerpen en het vertrouwen van het bedrijfsleven kunnen ondermijnen. Hij geeft aan dat de economische deur in Guyana altijd open heeft gestaan voor Surinaamse investeerders. “Ik wens de regering van Suriname eraan te herinneren dat Surinaamse bedrijven en investeerders al lang profiteren van de mogelijkheden binnen onze economie, waar zij hebben geopereerd zonder discriminatie of onnodige beperkingen”, aldus het staatshoofd. Hij benadrukt dat deze openheid tot dusver de hoeksteen is geweest van de onderlinge betrokkenheid.
De boodschap van Ali is helder: de relatie tussen de twee landen moet gebaseerd blijven op wederkerigheid. Hij spreekt de hoop uit dat de Surinaamse autoriteiten de maatregelen zullen heroverwegen en uiteindelijk zullen afzien van acties die als willekeurig kunnen worden ervaren. Volgens de Guyanese president is dit essentieel voor het behoud van goed nabuurschap en het gezamenlijke doel om de samenwerking verder te verdiepen.
- Trumps roekeloze oorlog en lessen niet geleerd!..
- Myenty Abena: de ‘spirituele’ leider van Natio..
- Aanpak overmatige begroeiing in lozingen Verdistraat van st…..
- Afzet productie binnenland..
- Meta moet US$ 375 miljoen betalen na zaak over kindermisbru…..
- Minister Monorath installeert aanbestedingscommissie..
- LVV zet in op duurzame afzetmogelijkheden voor binnenland..
- Azië kijkt terug op Covid-maatregelen om brandstofcrisis aa…..
- Somohardjo niet bij DNA-vergadering over vordering Openbaar…..
- Coalitie of concurrentie? Wanneer partners elkaar ‘gangster…..
- President Simons: certificaat is begin, niet het eind voor …..
- Rita Brandon..
- DE CRISIS KOMT..
- Elviera Sandie: ‘De plantage is voor ons allemaal – er moet…..
- Alma Margaretha Dwarka Sing..
- Suriname moet sneller handelen om bospositie te behouden..
- AdeKUS en Brazilië willen samenwerking in onderwijs en onde…..
- Ex-minister Welzijn ter terechtzitting gehoord in fraudezaa…..
- Man aangehouden voor diefstal uit woning van zijn oom..
- Vijftien jonge ondernemers sluiten succesvol Rumas-training…..
- Pinas ontkent vergrijzing politie: “Top zit vol jonge mense…..