Rabin Parmessar, NDP-fractieleider, heeft vrijdag jongstleden benadrukt dat de ontwerpwet Toezicht Virtuele Activa Dienstverleners, niet uitsluitend als een technische aangelegenheid moet worden beschouwd. Volgens hem moet de wet worden geplaatst tegen de achtergrond van de groeiende betekenis van virtuele activa voor de financiële sector, de internationale verplichtingen van Suriname en de noodzaak om witwassen en terrorismefinanciering effectief te bestrijden. Parmessar zei dit tijdens de openbare behandeling van de ontwerpwet in De Nationale Assemblée.
Op 14 juli 2026 werd tijdens de huishoudelijke vergadering H16, de commissie van rapporteurs benoemd voor de ontwerpwet houdende regels betreffende het toezicht op virtuele activa dienstverleners. De commissie heeft inmiddels haar vooronderzoek afgerond, waarna het wetsvoorstel in het openbaar wordt behandeld. De ontwerpwet moet regels vaststellen voor ondernemingen en instellingen die diensten verlenen rondom virtuele activa. Het gaat onder meer om cryptoactiva, handelsplatformen, bewaar-diensten, overdrachten, advies en portefeuillebeheer en aanverwante diensten. Volgens Parmessar is de cryptosector in Suriname momenteel nog relatief klein. Juist daarom moet de wet volgens hem, voldoende flexibiliteit bieden om rekening te houden met de verdere ontwikkeling van de sector en nieuwe vormen van dienstverlening. Waar nodig zal de wet in de toekomst, moeten worden aangepast. “Hoe zorgt Suriname ervoor dat nieuwe financiële technologie niet buiten toezicht valt, zonder dat wij innovatie, ondernemerschap en financiële inclusie onnodig afremmen?”, stelde Parmessar. Volgens hem ligt daarin de kern van het debat. Het gaat volgens de NDP-fractieleider niet om de vraag óf toezicht noodzakelijk is of dat Suriname internationale standaarden serieus moet nemen, maar vooral om de vraag of de wet juridisch stevig, uitvoerbaar, proportioneel en toe-komstbestendig is. Parmessar maakte duidelijk dat zijn fractie de noodzaak van regulering onderschrijft. Suriname kan zich volgens hem geen grijs gebied veroorloven waarin grote geldstromen, digitale activa en grensoverschrijdende transacties plaatsvinden, zonder voldoende toezicht. Dat kan risico’s met zich meebrengen voor witwassen, terrorismefinanciering, proliferatiefinanciering, consumentenbescherming, financiële stabiliteit en de internationale reputatie van het land. Eveneens waarschuwde hij dat regulering geen doel op zichzelf mag worden. Een wet moet volgens hem niet alleen duidelijke kaders en bevoegdheden voor de toezichthouder vastleggen, maar ook heldere normen bieden voor de partijen, die onder het toezicht vallen. Verschillende stakeholders hebben volgens Parmessar aandacht gevraagd voor een evenwichtige aanpak. De wet moet risico’s beheersen, maar tegelijkertijd ruimte bieden voor innovatie, ondernemerschap en bedrijven die op beperkte schaal actief zijn. Ook moet volgens hem worden voorkomen dat de wet uitsluitend formeel voldoet aan internationale aanbevelingen, zonder voldoende rekening te houden met de Surinaamse praktijk. De kleinschaligheid van de Surinaamse markt maakt volgens Parmessar dat het land niet zonder meer kan worden vergeleken met buitenlandse markten, waarvoor veel internationale normen en praktijken zijn ontwikkeld. “Het moet niet een speelveld worden waarop alleen de grote spelers kunnen en mogen opereren”, aldus Parmessar. Volgens hem moet het nieuwe toezichtskader daarom niet alleen internationaal verantwoord zijn, maar ook proportioneel, praktisch uitvoerbaar en afgestemd op de omstandigheden van Suriname.
The post Parmessar: ‘Toezicht op virtuele activa moet ruimte laten voor innovatie’ ..