Nederland overweegt van 1 juli nationale vrije dag te maken

DEN HAAG — Het Herdenkingscomité Slavernijverleden onderzoekt in opdracht van de Nederlandse regering of 1 juli een officiële nationale vrije dag kan worden. Dit initiatief werd maandag door minister Pieter Heerma van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de Tweede Kamer gepresenteerd. Daarmee zou aan één van de eisen van tal van groeperingen in zowel Suriname als Nederland worden voldaan.

Jarenlang stuitten pleidooien voor een officiële Nederlandse vrije dag op 1 juli – de dag waarop in 1863 de slavernij formeel werd afgeschaft – op politieke onwil in Den Haag. Dit is ook ingegeven door de wetenschap dat iedere vrije dag de Nederlandse economie miljarden euro’s kost. Om die reden heeft Nederland veel minder vrije dagen dan Suriname. Bovendien zijn werknemers niet verplicht om op deze dagen thuis te blijven.

“Men hoopt dat een Nederlandse vrije dag ook de bewustwording en de gesprekken met Suriname over herstelbetalingen in een stroomversnelling brengt”

Morele overwinning

Dat Nederland nu serieus onderzoekt om Keti-Koti overal in het Koninkrijk door te voeren als nationale vrije dag, toont volgens Surinaamse activisten aan dat de druk vanuit de diaspora en de oud-koloniën eindelijk vruchten afwerpt. Zij beschouwen het als een morele overwinning en zien het vooral als een erkenning van het trauma van de slavernij dat de huidige generaties nog altijd achtervolgt.

Het onderzoek dat nu gaat plaatsvinden maakt deel uit van de maatregelen die volgden op de historische excuses van de Nederlandse regering in december 2022. Echter, organisaties benadrukken dat de feitelijke onvrijheid voor veel tot slaafgemaakten pas in 1873 eindigde, na tien jaar verplicht staatstoezicht. Daarnaast hoopt men dat een Nederlandse vrije dag ook de bewustwording en de gesprekken met Suriname over herstelbetalingen in een stroomversnelling brengt.

Tweehonderd miljoen euro

Overigens, de Nederlandse premier Rob Jetten heeft pas nog herhaald dat Nederland geenszins van plan is de portemonnee te trekken om de nazaten te compenseren. De tweehonderd miljoen euro die in 2022 beschikbaar is gesteld, zijn wat hem betreft voldoende. Maar mogelijk komt er nu dus wel eenmaal per jaar een dag waarop 1 juli in het hele koninkrijk wordt herdacht.

Maar of de vlag daadwerkelijk uit kan vanaf 2027 of 2028, blijft nog even de vraag. De Tweede Kamer ontvangt de onderzoeksresultaten en de beoordeling van het kabinet pas in de loop van 2027. Hoewel de juridische en praktische invulling binnen het Koninkrijk, waartoe ook Aruba, Curaçao en Sint-Maarten behoren, nog complex is, is de toon in ieder geval gezet.