Als Monica Proeve (60), hoofdinspecteur van politie, op 1 september haar uniform aantrekt, doet ze dat met meer overtuiging en bewustzijn dan de jaren die achter haar liggen. Immers, het is de laatste keer dat ze dit doet. Niet omdat het moet, maar omdat ze op deze laatste werkdag in ‘vol ornaat’ afscheid wil nemen. Proeve, ressortcommandant van post Richelieu in district Commewijne, begon als 22-jarige jonge vrouw en zou dezelfde dag – na 38 jaar dienst – definitief de deur van haar bescheiden kantoor achter zich dichttrekken.
Tekst en beeld Edwien Bodjie
Rond negen uur ’s morgens parkeert ze haar auto bij het politiebureau. Ze loopt naar binnen en jonge politiemannen gaan in de houding staan. Ze maken een praatje, maken grapjes en zeggen dat er nog enkele stukken op haar wachten om te worden getekend. In de kleine ruimte met een kluis hangt nog de etenslucht van de dag tevoren als herinnering aan het afscheidsetentje dat ze haar collega’s had aangeboden in verband met haar pensionering.
“Vooral haar jaren bij de Kinderpolitie hebben haar diep geraakt. Als jonge politieambtenaar kreeg ze te maken met situaties binnen gezinnen die haar nog lang zijn bijgebleven”
Begin van een missie
In het gesprek met de Ware Tijd krant schakelt ze – met hese stem – tussen het Sranan en Nederlands. Op de vraag wat er in haar omgaat op deze laatste dag antwoordt ze duidelijk geëmotioneerd: “Een beetje weemoedig. Een beetje emotioneel. Het is meer dan de helft van mijn leven geweest. Het is niet makkelijk om afscheid te nemen, maar het zal moeten. Het kan niet anders. Met een oprecht hart zeg ik: ‘het was goed’. Als ik weer word geboren, word ik weer politieagent.”
Van bitterheid is geen sprake. Ze kijkt met trots terug op haar loopbaan. Dat Proeve ooit bij de politie terechtkwam, heeft alles te maken met een gebeurtenis uit haar jeugd. Ze was ongeveer tien jaar en woonde aan de Commissaris Weytinghweg. Op een avond moest ze haar zus ophalen in de stad, maar ze liepen elkaar mis. Het werd donker en daar stond het meisje van tien. Alleen. “Ik wist dat zeven uur de laatste bus zou vertrekken en mijn zus kwam maar niet. Ik ben toen gelopen naar de Maagdenstraat.”
Daar stapte ze in een bus om niet lang daarna uit te stappen bij politiebureau Uitvlugt. Duidelijk bang liep ze het kantoor binnen. “Ik was heel emotioneel en begon te huilen voordat ik mijn verhaal kon doen.” Een politieman sprak rustig met haar: ‘Ga op die bank zitten. Als je bent uitgehuild, vertel je me wat er is gebeurd’.
Toen ze haar verhaal had gedaan, stelde de agent haar gerust. Ze gaf hem haar adres en hij zou haar naar huis brengen met een politieauto. Onderweg zagen ze haar moeder en zus lopen, die naar haar op zoek waren. Die gebeurtenis bleef bij Proeve hangen. Nu veel jaren later herinnert ze zich nog: “In mijn achterhoofd gonsde het voortdurend: ‘ik word politieagent’.” En die gedachte liet haar niet meer los.
Op haar zeventiende meldde ze zich voor het eerst bij de politieopleiding, maar werd niet toegelaten omdat ze te jong was. Haar werd aangeraden eerst haar schoolopleiding af te ronden. Er volgde een periode waarin ze de vacatures van de politie volgde. Als leerling van de tweede klas van het Imeao solliciteerde ze weer en toen met succes. “En daar begon mijn missie”, vertelt ze aan de krant.
Van ASD naar huiselijk geweld
De opleiding verliep niet onder normale omstandigheden. Suriname zat midden in de revolutionaire periode. Proeve maakte onder meer de politiestaking na de dood van inspecteur Herman Gooding mee. Door verschillende omstandigheden duurde haar opleiding bijna twee jaar, veel langer dan normaal.
Haar carrière bij het Korps Politie Suriname (KPS) begon bij de Algemene Surveillancedienst (ASD), toen het vaste beginpunt voor nieuwe politieagenten. Daar deden ze twee tot drie jaar praktijkervaring op voordat zij naar een gespecialiseerde afdeling mochten. Verkeer, aanhoudingen, surveillance – soms te voet of op de fiets – en toezicht bij openbare gelegenheden: jonge politiemensen kregen de kans om het vak in de praktijk te leren.
Vandaag de dag gaat het anders en is Proeve het duidelijk niet eens met de aanpak van nu: jonge politiemensen worden soms snel voorbereid op een specialistische taak. “Je bent nauwelijks uit de opleiding en je gaat direct naar de recherche. Dan ga je brokken maken.”
Na de ASD werkte ze vervolgens bij de Kinderpolitie, wat nu Opa Doeli heet. Daar werkte ze acht tot negen jaar. Later volgden onder meer Nickerie, Livorno en Latour. Die ervaringen maakten haar uiteindelijk tot de politiefunctionaris die zich sterk zou specialiseren in huiselijk geweld. “Als je te Livorno en Latour hebt gewerkt, kan je overal werken”, zegt ze veelbetekenend.
Proeve heeft ongeveer dertig jaar ervaring met gevallen van huiselijk geweld. Ze was betrokken bij de ontwikkeling en uitvoering van de wet Bestrijding huiselijk geweld en volgde verschillende trainingen. Ze heeft dertien certificaten, onder meer op het gebied van huiselijk geweld, geweldloos opvoeden, counseling en coaching. Ook volgde ze een training over omgang met mensen met HIV en een training rond LGBTQI+.
“Je moet tonen dat je niet bang bent om het werk te doen dat een politieman doet. De politievrouw kan dat ook”
Bij de afdeling Huiselijk geweld ontdekte ze dat politieoptreden alleen niet altijd voldoende is. “Je wordt opgeleid in wet en recht, maar je moet sociale contacten hebben om goed te functioneren bij aanpak van huiselijk geweld.”
Een zaak afhandelen is één ding. De nazorg is minstens zo belangrijk. Slachtoffers kunnen na het verbreken van een relatie verloren raken en hebben begeleiding nodig om weer verder te kunnen, legt ze uit. “Bij huiselijk geweld gaat het niet alleen om een vrouw. Soms zijn het moeder en dochter, vader en kind. Het kan binnen een hele familie spelen.” Proeve ziet daarbij een breder maatschappelijk probleem: ‘Surinamers hebben onvoldoende geleerd om over problemen en emoties te praten’.
Dienstbaarheid
De ervaring met slachtoffers heeft ook haar kijk op politiemensen zelf gevormd, want achter de politieambtenaar schuilt ook een mens. En juist die mens krijgt binnen het korps niet altijd de ruimte om emoties te tonen. “Politiemannen zijn bang om hun emotionele situatie kenbaar te maken binnen hun organisatie. Daarom dragen politiemensen volgens haar ‘een masker’. Ze maken veel mee, maar praten daar niet altijd over.”
Proeve heeft daarvan in haar loopbaan de gevolgen ervaren. Vooral haar jaren bij de Kinderpolitie hebben haar diep geraakt. Als jonge politieambtenaar kreeg ze te maken met situaties binnen gezinnen die haar nog lang zijn bijgebleven.
Ze heeft er wel altijd voor gezorgd om tijdens het werk professioneel te handelen. Pas nadat een dossier was afgerond, kwam de emotionele verwerking. “Als het dossier voorbij is, lig ik weken wakker. Dan zie ik alles voor me wat me is verteld.”
Juist daarom verdiepte ze zich later ook in counseling en coaching. Als manager probeerde ze aandacht te hebben voor de mens achter de medewerker. “Ik begin met te vragen: ‘hoe gaat het met je?’” Ze observeerde medewerkers en kon goed inschatten wanneer iemand niet goed in zijn vel zat. Soms vroeg ze of er misschien een ziek kind was of dat er thuis problemen speelden.
Proeve noemt zichzelf “een open-deurmanager”. Die benadering betekende niet dat ze minder streng was. Wanneer iemand in de fout ging, waarschuwde ze. Daarna lag de verantwoordelijkheid bij de medewerker zelf. Eén van haar motto’s is: “je bent volwassen genoeg om je verantwoordelijkheid te dragen”.
De hoofdinspecteur ziet als de hoogtepunten in haar loopbaan niet de onderscheidingen of complimenten. Voor haar kan elke succesvolle zaak een hoogtepunt zijn, bijvoorbeeld wanneer iemand uit de samenleving die ze jaren geleden heeft geholpen opnieuw bij haar aanklopt omdat die persoon erop vertrouwt dat zij zal helpen. “Ik hoef niet een bloemetje te krijgen van KPS. Dat krijg ik van de samenleving die ik als lid van het korps dien.”
Ook haar positie als vrouw binnen een traditioneel door mannen gedomineerd korps ziet ze als een deel van haar ontwikkeling. Ze wist dat ze zichzelf moest bewijzen. “Je moet tonen dat je niet bang bent om het werk te doen dat een politieman doet. De politievrouw kan dat ook.”
Ze heeft een groot deel van haar werk gedaan in oude dienstwagens met handgeschakelde versnellingsbak, deed fysiek zwaar werk en zegt dat ze zich nooit kwetsbaar heeft opgesteld om een voorkeursbehandeling te kunnen krijgen.
Ze erkent wel af en toe discriminatie te hebben gevoeld. Maar zodra ze liet zien wat ze kon, kwam het respect. “Als je bewijst dat je het kan, respecteren ze je.”
Haar manier om zich binnen het mannenkorps staande te houden, was tegelijk eenvoudig en persoonlijk. “Ik heb elke mannelijke collega gezien als mijn broer en heb hem ook zo behandeld. Met heel veel liefde.”
Moederfiguur
Dat Proeve iemand is die oog heeft voor de mens achter het uniform, herkennen ook haar collega’s. Barbara Tamka, inspecteur van politie tweede klasse, die sinds februari 2025 met haar samenwerkt bij politiepost Richelieu, noemt haar “een moederfiguur”. Tamka is tweede in rang in het ressort en neemt bij afwezigheid van de ressortcommandant een deel van diens taken over.
Ze typeert Proeve als vriendelijk en iemand bij wie collega’s gemakkelijk terechtkunnen. “Monica is bezig met de medewerkers, met collega’s. Als je met iets zit, kan je het haar vragen en ze zal zeker advies geven.”
Haar vertrek zal volgens Tamka voelbaar zijn, maar het werk moet doorgaan. “Natuurlijk ga je haar als mens, als collega missen, maar het werk gaat door.” Tamka vertelt dat wat Proeve de collega’s heeft geleerd, zal worden voortgezet en verwacht dat het afgezwaaide diensthoofd hen zeker niet in de kou zal laten staan, als die een beroep op haar zouden doen.
Chef van dienst, majoor Geri Satiman, noemt Proeve een voorbeeld- en moederfiguur. Hij zal vooral de goede sfeer, haar ervaring en kennis missen. “Wat ik allemaal heb mogen ervaren met haar en wat ik allemaal heb mogen leren van haar. Ze heeft veel kennis overgedragen. Ook al is ze niet meer op kantoor, ik weet dat ze ons altijd zal bijstaan, ook als collega’s haar advies vragen als ze moeilijke besluiten moeten nemen.”
Missie volbracht
Proeve heeft de overgang naar haar pensioen lang voorbereid. Zes tot zeven maande geleden begon ze zich er mentaal op in te stellen. Ze deed counseling en coaching en waarschuwde haar medewerkers dat de dag zou komen waarop zij er niet meer bij zou zijn.
“Ook al is ze niet meer op kantoor, ik weet dat ze ons altijd zal bijstaan, ook als collega’s haar advies vragen als ze moeilijke besluiten moeten nemen“Majoor Geri Satiman
Ze heeft gezien dat voormalige politiemensen moeite kunnen hebben met de overgang naar het burgerleven. “Je kunt de identiteit van politieman of politievrouw niet zomaar afleggen.”
Haar laatste dag wilde ze bewust beleven. Daarom droeg ze haar vertrouwde uniform. “Laat me goed afscheid er van nemen. Daarna hang ik het op, voor altijd.” Ze laat er geen twijfel over bestaan wat medewerkers voor haar jarenlang hebben betekend. “Je hebt een soort politie familieband opgebouwd.”
Degenen die ze achterlaat, roept ze op: “neem verantwoordelijkheid voor jezelf, vertrouw op jezelf en blijf werken aan je ontwikkeling. Niet alleen fysiek, maar vooral emotioneel. Je moet niet alleen fysiek sterk zijn maar ook emotioneel. En bovenal: ‘blijf op het rechte pad, want de verleidingen zullen je pad kruisen’.”
Maar het leven na KPS lonkt ook. Proeve voelt zich fit en wil meer tijd besteden aan koken, mogelijk zelfs op bestelling. Daarnaast wil ze zich sterker richten op haar spirituele activiteiten en in oktober een tempel openen in Commewijne. “Ik heb niks meer te winnen, niks meer te verliezen. Nu ben ik de berg aan het afzakken. Dus ik kan alleen maar goede dingen achterlaten.”
Dat het bloed stroomt waar het niet kan gaan blijkt uit haar belofte dat als ooit het korps een beroep op haar ervaring wil doen voor bijvoorbeeld opleidingen, ze daar open voor staat. Haar afscheid is daarmee geen definitief verdwijnen. Wel verandert de rol.
Ze trekt voor de laatste keer de deur van het politiebureau achter zich dicht. Het uniform trekt ze uit, de rang blijft achter, maar de overtuiging waarmee ze op haar tiende door een politieman naar huis werd gebracht, lijkt nog altijd aanwezig. “Ik had een missie. En ik heb mijn missie begrepen.”
Bij aankomst op het politiebureau begroet ressortcommandant Proeve haar collega’s en maakt een babbeltje met hen.
- Operator graafmachine dodelijk getroffen door omgevallen bo…..
- RBTP en inlichtingendiensten houden twee verdachten aan na …..
- Vrouw die na woordenwisseling er vandoor ging met dienstwap…..
- SML op kruispunt..
- Babyjaguar geboren in Paramaribo Zoo..
- NIEUWE AMBASSADEURS EN HUN NIEUWE MISSIE..
- Tragisch arbeidsongeval bij Irenevallen; man omgekomen..
- Inzittende komt om het leven bij ongeval op Afobakaweg..
- List en bedrog houdt SLM in de lucht (1)..
- Pawiroredjo: “Bij de EBS kunnen we blijkbaar niet plannen”..
- Offshore-olie en ‘oliedomheid’: Suriname op pad naar schijn…..
- VEILIGHEID IS DE REDEN WAAROM REGERINGEN BESTAAN..
- Belizeaanse mennonieten naar Tibiti, Mexicanen naar Kabaleb…..
- Telesur Got Talent 2026 wordt spannender; Breeveld weerspre…..
- Trump wil Amerikaanse oliereserve aanvullen met Venezolaans…..
- Dode en gewonde bij eenzijdig verkeersongeval aan Avobakawe…..
- Trinidad en Jamaica willen onderlinge handel en investering…..
- Van herkomst naar toekomst: Eenheid in verscheidenheid cent…..
- Sozavo wil ruim 70 wijkkantoren clusteren door hoge huurach…..
- STEEDS CHAOTISCHER..
- Warme dag met lokaal kans op buien langs de kust..