DEN HAAG — De geschiedenis van het verzet tegen slavernij en kolonialisme krijgt nauwelijks aandacht in het Nederlandse onderwijs. In schoolboeken wordt summier aandacht besteed aan enkele verzetsstrijders uit Indonesië en Suriname, maar voor de rest komen de helden er bekaaid vanaf. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport ‘Vergeten verhalen, verzwegen verleden’, dat minister Pieter Heerma van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onlangs aan de Tweede Kamer heeft aangeboden.
Het onderzoek is uitgevoerd door het Verwey-Jonker Instituut, Movisie en de Universiteit van Aruba. De onderzoekers analyseerden onder meer 108 Nederlandse onderwijsuitgaven. Daaruit is gebleken dat de geschiedenis van het antikoloniale verzet en de strijd tegen de slavernij nauwelijks serieuze aandacht krijgt in het Nederlandse onderwijs. Als Surinaamse vrijheidsstrijders worden genoemd, gebeurt dit vaak oppervlakkig, gefragmenteerd en vanuit een eurocentrisch perspectief.
“Meerdere Nederlandse schoolboeken schetsen Boni als een gewelddadige agressor en een moordenaar met een diepe haat tegen witte mensen”
De Indonesische onafhankelijkheidsleider – en latere president – Soekarno wordt 27 keer vermeld in het lesmateriaal. De Curaçaose verzetsheld Tula moet het doen met tien vermeldingen. De Surinaamse iconen volgen daarachter. Zo wordt de legendarische marronleider Boni in alle onderzochte boeken samen slechts zes keer bij naam genoemd.
Wat de onderzoekers extra zorgen baart, is de manier wáárop hij wordt geportretteerd. In plaats van als een strategische vrijheidsstrijder, schetsen meerdere Nederlandse schoolboeken Boni als een gewelddadige agressor en een moordenaar met een diepe haat tegen witte mensen. Zijn daden worden bovendien eenzijdig verteld vanuit het koloniale perspectief van de Nederlandse staat en de Schotse kapitein John Stedman. Deze witte soldaat Stedman (zeven vermeldingen) wordt vaker genoemd dan Boni zelf.
Koloniale blik dominant
Zelfs Anton de Kom, die sinds 2020 officieel is opgenomen in de Canon van Nederland, krijgt geen structurele of prominente plek in de geschiedenislessen. De Kom wordt in de boeken slechts vijf keer genoemd. De beschrijvingen zijn uiterst summier: hij wordt enkel getypeerd als nationalist en schrijver die uit Suriname werd verbannen omdat hij marrons als helden beschreef. Context over zijn diepere motieven, zijn strijd voor arbeidersrechten of zijn concrete verzetsdaden ontbreekt volledig. Andere Surinaamse namen, zoals Rahman Khan, komen amper voor.
Wanneer Surinaamse marrongemeenschappen, zoals de Saamaka, Ndyuka en Aluku, als collectief worden besproken, blijft de koloniale blik dominant. Enerzijds worden ze dapper genoemd, maar anderzijds worden ze neergezet als plunderaars die plantages aanvielen en ‘vrouwen roofden’. Het taalgebruik is met termen als ‘slaaf’ in plaats van ‘tot slaaf gemaakte bovendien sterk verouderd.
Uit de gehouden reflectiesessies met jongeren komt een pijnlijk beeld naar voren. De ondervraagden geven unaniem aan dat er op school nauwelijks aandacht is voor de verzetshelden uit de Surinaamse en Caribische geschiedenis. Wanneer het koloniale verleden wél wordt besproken, ligt de nadruk vaak op de economische voordelen en de zogenaamde glorie van de Gouden Eeuw, terwijl het leed en de actieve tegenstand van de onderdrukte groepen worden doodgezwegen.
Disbalans in onderwijs
Jongeren met een Surinaamse achtergrond verklaren dat zij hun historische kennis noodgedwongen buiten de schoolmuren moeten opdoen, bijvoorbeeld via verhalen van hun oma, musea of culturele herdenkingen. Zij storen zich enorm aan de disbalans in het onderwijs; er is relatief veel aandacht voor de geschiedenis van Indonesië, terwijl Suriname en de Caribische eilanden er bekaaid vanaf komen. De jongeren benadrukken dat het ontbreken van deze verhalen bijdraagt aan onbegrip en hedendaags racisme in de samenleving.
Het rapport benadrukt dat deze misstanden het slachtoffer-frame rondom zwarte mensen in stand houden. Het miskent de actieve handelingskracht en het intellect van de Surinaamse verzetsstrijders. De onderzoekers pleiten daarom voor een herziening van de kerndoelen, inclusief het taalgebruik en een evenredige geografische verdeling van de lesstof. Het Nederlandse kabinet onderzoekt nog hoe de aanbevelingen kunnen worden meegenomen. Concrete maatregelen of verplichte aanpassingen in de schoolboeken zijn vooralsnog niet aangekondigd.
- Joël Martin..
- OW Bekendmaking Werkzaamheden Schmeltzweg..
- Black Harmony onderscheiden voor behoud Afro-Surinaams erfg…..
- TCT-minister beëindigt mandaat TAS-directeur en eist onmidd…..
- Minister Landveld draagt Jap-A-Joe op leiding TAS onmiddell…..
- Bejaarde vrouw thuis overvallen en beroofd..
- Het kraakt, piept en knarst in Ocer..
- Het voorwerk is gedaan, nu nog politiek herstel..
- Pearl Brunings brengt digitaal receptenboek uit in boekvorm…..
- Bewoners Palm Village klagen over wekenlange rookoverlast..
- Brunswijk haalt uit naar TAS-commissarissen en politie: “Wa…..
- Leren van Guyana..
- PL wil woningproject uitbreiden na verkoop eerste tien woni…..
- Braganza: Uitblijven grootschalige landbouw in Suriname gem…..
- Toekomst Wendy Jap-A-Joe bij TAS nog steeds onzeker..
- Suriname en Frankrijk tekenen intentieverklaring voor aanpa…..
- Re-Play hoopt 30-jarig jubileum met fans in Suriname te vie…..
- Lijk zuigeling aangetroffen in auto..
- Veertig jaar Grondwet: tijd om de balans op te maken..
- Baby van anderhalve maand overleden in auto..
- BRANDSTOF TIJDBOM..