De Guyanese president Irfaan Ali erkent dat de olieovereenkomst die Guyana in 2016 met ExxonMobil sloot, gunstiger uitpakt voor het Amerikaanse oliebedrijf. Zijn regering wil het contract desondanks niet openbreken, omdat daarmee volgens hem de geloofwaardigheid van het land en de rechtszekerheid van overeenkomsten op het spel zouden komen.
Ali deed de uitspraken in het programma Talk to Al Jazeera. Tijdens het interview ging hij uitgebreid in op de economische omwenteling die volgde op de grote olievondsten van 2015, de hoge kosten van levensonderhoud, het territoriale geschil met Venezuela en de vraag hoe Guyana zijn olie-inkomsten inzet.
De president maakte duidelijk dat zijn regering de overeenkomst met ExxonMobil niet als een goede deal beschouwt. Het contract werd in 2016 gesloten door de toenmalige regering en later door zijn regering overgenomen.
“Wij hebben nooit gezegd dat het een goede overeenkomst was. Het was een overeenkomst die meer in het belang van het bedrijf was. Het bedrijf profiteerde meer”, zei Ali.
Volgens hem kan een verantwoordelijke regering een bestaande overeenkomst echter niet zomaar verscheuren. “De geloofwaardigheid van het land staat op het spel. De rechtszekerheid van contracten is er en je moet binnen die omgeving werken om het best mogelijke resultaat voor je land en je bevolking te behalen.”
Voor toekomstige olieprojecten heeft Guyana volgens Ali inmiddels een nieuwe productieovereenkomst ontwikkeld. Die moet investeerders blijven aantrekken, maar tegelijkertijd evenwichtiger zijn en Guyana een betere positie geven.
Olie-inkomsten maken Guyana niet immuun
Hoewel de olie-inkomsten sterk zijn gestegen, verwerpt Ali het beeld dat Guyana volledig profiteert van de hogere olieprijzen. Het land produceert ruwe olie, maar importeert nog steeds geraffineerde aardolieproducten.
Daarnaast wordt Guyana volgens hem, net als andere landen, getroffen door stijgende kosten voor transport, logistiek, productie, energie en voedsel. Ook meststoffen en landbouwchemicaliën zijn duurder geworden door internationale conflicten en verstoringen van handels- en transportroutes.
“Ja, we hebben meer inkomsten ontvangen, maar we hebben ook te maken met de schokken waarmee de wereld in alle andere sectoren wordt geconfronteerd”, verklaarde Ali.
De president vindt het daarom belangrijk om de huidige periode van economische groei te gebruiken voor investeringen die Guyana ook na het olietijdperk vooruithelpen. Hij noemde infrastructuur, woningbouw, onderwijs, gezondheidszorg, technologie, innovatie en digitalisering.
Ali wil niet dat Guyana over tien of twintig jaar uitsluitend bekendstaat als olieproducent. Het land moet volgens hem uitgroeien tot een belangrijke voedselproducent en meer verdienen aan milieudiensten, biodiversiteit, ecotoerisme en natuurtoerisme.
“Ik wil niet dat iemand over tien jaar terugkijkt en zegt dat Guyana alleen afhankelijk is van olie”, zei hij.
Ali verdedigt beheer olie-inkomsten
De Guyanese oppositie verwijt de regering volgens Al Jazeera wanbeheer en een gebrek aan transparantie over de besteding van de olie-inkomsten. Ali wees die beschuldigingen van de hand.
Alle inkomsten uit olie en gas worden volgens hem gestort in het Natural Resource Fund. De minister van Financiën moet binnen dertig dagen bekendmaken hoeveel geld is binnengekomen. Middelen uit het fonds kunnen alleen via de nationale begroting worden gebruikt en moeten daardoor eerst het parlementaire proces doorlopen.
“De regering kan niet rechtstreeks in dat fonds grijpen”, benadrukte Ali. De besteding wordt volgens hem bovendien gecontroleerd door de Rekenkamer. “De werkelijkheid is heel anders dan de propaganda.”
De president erkende tegelijkertijd dat de hogere kosten van levensonderhoud druk uitoefenen op huishoudens. Hij wees erop dat meer Guyanezen tegenwoordig een eigen woning of auto bezitten en dat de rente voor mensen met een laag inkomen de afgelopen jaren aanzienlijk is verlaagd.
Daar staat volgens hem tegenover dat Guyana te maken heeft met geïmporteerde inflatie. Ook veranderen de bestedingspatronen naarmate de levensomstandigheden verbeteren. Om de economie betaalbaar en concurrerend te houden, moet de productiviteit volgens Ali omhoog.
Olie moet ook klimaatbescherming betalen
Ali ziet geen tegenstelling tussen de grootschalige winning van olie en het klimaatbeleid van Guyana. Hij wees erop dat ongeveer 85 procent van het land nog met bos is bedekt en dat Guyana een zeer lage ontbossingsgraad en een grote biodiversiteit heeft.
De opbrengsten uit olie en gas zijn volgens hem nodig om de ontwikkeling van het land te financieren. Guyana moet onder meer grote bedragen investeren in zeeweringen, drainage, irrigatie en bescherming tegen overstromingen.
Zonder olie zou Guyana volgens Ali over omvangrijke natuurgebieden beschikken, maar tegelijkertijd onvoldoende geld hebben om armoede terug te dringen en het land tegen klimaatverandering te beschermen.
“We zouden dit prachtige milieuproduct hebben waarvoor niemand wil betalen of waaraan niemand waarde wil toekennen”, stelde hij. Intussen zou Guyana zelf de middelen moeten vinden voor kostbare klimaatmaatregelen.
Guyana voorbereid op reactie Venezuela
Tijdens het interview kwam ook het grensgeschil met Venezuela over Essequibo aan de orde. Ali zei dat de scherpe retoriek vanuit Venezuela aanzienlijk is afgenomen, maar benadrukte dat Guyana voorbereid blijft op iedere reactie na een uitspraak van het Internationaal Gerechtshof.
De president sprak de verwachting uit dat het hof mogelijk vroeg in het nieuwe jaar uitspraak doet. Guyana heeft volgens hem vertrouwen in de zaak rond de arbitrale uitspraak van 1899.
“Wij zijn voorbereid op iedere reactie op de uitspraak van het hof”, zei Ali. Tegelijk hoopt hij dat beide landen na het juridische oordeel kunnen werken aan een relatie waarin economische ontwikkeling mogelijk is zonder angst en dreiging.
Ali wees ook de suggestie af dat de Verenigde Staten Guyana opzij zouden hebben geschoven door opnieuw toenadering tot Venezuela te zoeken. De Verenigde Staten zijn volgens hem een belangrijke bondgenoot en hebben Guyana consequent gesteund in het grensgeschil.
Voor Ali moet Guyana uiteindelijk een soevereine staat blijven die zijn natuurlijke hulpbronnen inzet voor duurzame welvaart. Het land wil volgens hem bijdragen aan regionale vrede, democratie, energiezekerheid, voedselproductie, klimaatbescherming en de ontwikkeling van menselijk kapitaal.
“Wij gaan onze waarden en principes niet opofferen”, zei hij. “Maar we erkennen dat we de ontwikkeling van Guyana moeten nastreven in een mondiale omgeving waarin we bondgenoten moeten kiezen die Guyana ook zullen helpen.”
The post Guyanese president Ali erkent ongunstige ExxonMobil-deal: “bedrijf profiteerde meer” appeared first on Suriname suriname.
- Verdachte neergeschoten na inrijden op politieman tijdens a…..
- Drie werknemers vast na Google-zoektocht naar Chinese handt…..
- Politieachtervolging in Zanderij eindigt in schietincident;…..
- PAHO opent toegang tot halfjaarlijkse hiv-preventie-injecti…..
- PWO-voorzitter Zunder: ‘AI nog geen dreiging voor Surinaams…..
- VN: repressieve structuren Venezuela grotendeels intact ond…..
- Politieschot treft vluchtende bromfietser na achtervolging..
- Bijna 1000 verpleegkundigen weg uit Suriname, lonen moeten …..
- Politie Santodorp onderschept vermoedelijke hasj verborgen …..
- “SKERO” aangehouden voor diefstal koperen leidingen bij CBB…..
- Onteigening als instrument voor (economische) ontwikkeling..
- Gewapende rovers mishandelen twee Cubanen en lossen schoten..
- DIPLOMATIEK ‘VIS’ VAN HET BROOD LATEN ETEN..
- Taus: ‘Geen drempel om BaZo-kaart aan te vragen’..
- Man aangehouden met illegaal vuistvuurwapen; verdachte in v…..
- Leerlingen Boven-Suriname voor ontspanning en educatieve ex…..
- Surinamer Lo Kioeng Shioe verovert met beperkt zicht twee z…..
- Wereldeconomie onder druk door hoge rente, dure olie en dre…..
- Crèche- en peuterleidsters krijgen certificaat ‘verkeersedu…..
- VES bezorgd over corruptie en machtsconcentratie nu oliegel…..
- Exportbedrijven vragen meer ruimte binnen valutaretentiereg…..