Geen geld voor wettelijke taken Pensioenraad

Marius Karioredjo. Beeld: Apintie TV.

De Pensioenraad (PR) is sinds mei 2024 niet in staat is geweest haar wettelijke taken volledig uit te voeren, omdat de aan haar toegekende financiële middelen niet zijn uitbetaald. Als gevolg hiervan konden ook de wettelijk verplichte openbare vergaderingen voor deelnemers van het Algemeen Pensioenfonds, niet doorgaan.

Volgens de Wet Algemeen Pensioen 2014 kent het pensioenstelsel een dualistisch bestuursmodel. Het Algemeen Pensioenfonds is belast met de uitvoering en het beheer, terwijl de Pensioenraad verantwoordelijk is voor toezicht en handhaving. Beide organen beschikken over een eigen rechtspersoonlijkheid. Tot de wettelijke taken van de Pensioenraad behoort onder meer het jaarlijks organiseren van twee openbare vergaderingen voor deelnemers van het fonds.

Door het uitblijven van middelen zijn sinds augustus 2024 drie openbare vergaderingen niet gehouden. De Pensioenraad biedt hiervoor haar verontschuldigingen aan en geeft aan dat de eerste openbare vergadering van 2026 zal worden georganiseerd zodra de financiële middelen opnieuw beschikbaar worden gesteld.

Voorzitter Marius Karioredjo geeft aan dat het hem onduidelijk is waarom de middelen niet langer worden vrijgemaakt. Volgens hem moet de financiering van de Pensioenraad worden gehaald uit dezelfde middelen van het pensioenfonds, maar gebeurt dit sinds mei 2024 niet meer. De begroting voor deze middelen valt onder de verantwoordelijkheid van de onderraad Sociaal Zekerheidsstelsel, die wordt voorgezeten door de vicepresident van Suriname.

De Pensioenraad benadrukt dat naleving van de wet en transparant bestuur essentieel zijn voor het vertrouwen van de deelnemers. Zij stelt zich onverminderd te blijven inzetten voor de bescherming van opgebouwde pensioenen, de handhaving van wettelijke bepalingen en open communicatie met alle deelnemers.

Tegelijkertijd wijst de Pensioenraad erop dat zij voor een effectieve uitvoering van haar taken afhankelijk is van de samenwerking met zowel het Algemeen Pensioenfonds als de regering. Alleen met gezamenlijke inspanning kan worden gewaarborgd dat het toezicht op het pensioenstelsel naar behoren functioneert.

..