Gajadien waarschuwt voor te rooskleurig beeld economie, Parmessar hamert op resultaat en discipline

PARAMARIBO — VHP-fractieleider Asis Gajadien heeft maandag tijdens de behandeling van de begroting 2026 in De Nationale Assemblée gewaarschuwd dat de financiële positie van Suriname minder gunstig is dan de regering doet voorkomen. Volgens hem zijn de economische vooruitzichten te optimistisch voorgesteld en blijft de begroting in belangrijke mate afhankelijk van toekomstige olie-inkomsten, terwijl de koopkracht van de bevolking nog altijd onder druk staat.

Gajadien stelde dat het werkelijke begrotingstekort volgens zijn berekeningen hoger uitvalt dan de gepresenteerde 5,1 procent van het bruto binnenlands product (BBP). Wanneer alle financieringscomponenten worden meegerekend, zou het tekort volgens hem oplopen tot ongeveer 7,7 procent van het BBP.

“Suriname zal de komende jaren zorgvuldig moeten omgaan met publieke middelen en sterker moeten inzetten op productie, transparantie en goed bestuur om duurzame economische ontwikkeling mogelijk te maken”

Koopkracht blijft onder druk

De VHP-fractieleider wees erop dat veel burgers nog weinig merken van de economische groei waarover de regering spreekt. Werknemers, gepensioneerden en andere inkomensgroepen kampen volgens hem nog steeds met hoge prijzen en een beperkte koopkracht. “Mooie groeicijfers betekenen weinig als gezinnen daar niets van merken,” hield hij de regering voor.

Een belangrijk deel van zijn bijdrage stond in het teken van de staatsschuld. Gajadien waarschuwde dat Suriname kwetsbaar blijft zolang een groot deel van de schulden in vreemde valuta luidt. Ook uitte hij kritiek op de recente herfinanciering van staatsleningen, waarbij volgens hem onvoldoende duidelijk is gemaakt waarom voor relatief dure financiering is gekozen. Daarnaast vroeg hij aandacht voor de hoge kosten die met deze operatie gepaard zijn gegaan.

Niet alleen rekenen op olie

Volgens Gajadien mag de ontwikkeling van de olie- en gassector niet de enige pijler worden onder het economisch beleid. Hij pleitte voor meer investeringen in landbouw, toerisme, industrie en het midden- en kleinbedrijf, zodat de economie breder wordt gedragen en minder afhankelijk is van toekomstige olie-inkomsten. Tegelijkertijd wees hij op knelpunten zoals slechte infrastructuur, trage vergunningprocedures, problemen op de arbeidsmarkt en de noodzaak van een efficiënter overheidsapparaat.

Ook vroeg de VHP-fractieleider aandacht voor versterking van de Rekenkamer, betere interne controles, volledige uitvoering van de Aanbestedingswet en meer transparantie binnen de overheid. Volgens hem zijn deze voorwaarden noodzakelijk om investeerders vertrouwen te geven en duurzame economische groei mogelijk te maken.

Nadruk op discipline en uitvoering

NDP-fractieleider Rabin Parmessar, tevens voorzitter van de Commissie van Rapporteurs, legde tijdens het debat andere accenten, maar onderstreepte eveneens het belang van financiële discipline en verantwoord bestuur. Hij stelde dat de regering scherpe prioriteiten zal moeten stellen, omdat vrijwel alle ministeries meer middelen nodig hebben terwijl de beschikbare financiële ruimte beperkt blijft.

Volgens Parmessar moet de begroting worden beoordeeld op drie kernpunten: bescherming van de bevolking, herstel van de overheidsfinanciën en stimulering van productie en werkgelegenheid. Daarbij benadrukte hij dat sociale bescherming alleen effectief is wanneer de beschikbare middelen doelgericht worden ingezet.

Hij pleitte voor een harde aanpak van zogenoemde spookambtenaren en andere gevallen waarbij overheidsgeld wordt uitgegeven zonder dat daar prestaties tegenover staan. Volgens de NDP-fractieleider moet iedere publieke uitgave aantoonbare waarde opleveren voor de samenleving.

Productie en goed bestuur

Ook Parmessar waarschuwde ervoor om niet uitsluitend te vertrouwen op toekomstige olie-inkomsten. Volgens hem moet Suriname juist nu investeren in productie, ondernemerschap, infrastructuur, onderwijs en goed bestuur om optimaal voorbereid te zijn op de nieuwe economische fase die het land tegemoet gaat.

Hoewel beide fractieleiders verschillende accenten legden, bestond er overeenstemming over één belangrijk punt: Suriname zal de komende jaren zorgvuldig moeten omgaan met publieke middelen en sterker moeten inzetten op productie, transparantie en goed bestuur om duurzame economische ontwikkeling mogelijk te maken.

Rabin Parmessar, maandag in De Nationale Assemblee. [: DNA]