Films & diepe taki: Walter Rodney als spiegel voor postkoloniaal Suriname

Hoe werkt kolonialisme door, lang nadat de kolonisator formeel is vertrokken? En wat vraagt echte onafhankelijkheid van een samenleving als Suriname, vijftig jaar na 1975? Die vragen stonden centraal tijdens de ‘Films & diepe taki,’ bij Tori Oso, waar de documentaire ‘Walter Rodney: What They Don’t Want You To Know’ werd vertoond, voorafgegaan door een diepgravend panelgesprek.

Tekst en beeld Edwien Bodjie

De achtertuin van Tori Oso was bomvol. Sommige mensen moesten noodgedwongen de hele avond staan. Het publiek bestond uit mensen uit uiteenlopende disciplines: universiteitsdocenten, vertegenwoordigers uit de financiële sector, maar ook prominente stemmen uit de culturele wereld. Opvallend en door meerdere aanwezigen betreurd, was het geringe aantal jongeren bij zo een bijeenkomst die juist over hun toekomst ging.

“Algoe schetste Suriname als een samenleving waarin kenmerken van de plantagestructuur nog steeds zichtbaar zijn”

Kritisch denken noodzaak

De avond maakte deel uit van een reeks filmavonden van de Anton de Kom-leerstoel in aanloop naar vijftig jaar Staatkundige Onafhankelijkheid. Journaliste Euritha Tjan A Way leidde het gesprek, waarin het gedachtegoed van Walter Rodney werd verbonden aan actuele Surinaamse vraagstukken rond leiderschap, onderwijs, economie en identiteit. De documentaire over Rodney, die in 1980 door een aanslag om het leven kwam, vormde het morele en intellectuele anker van de avond. Zijn analyses over uitbuiting, macht en kennisproductie bleken volgens de panelleden opvallend actueel.Kirtie Algoe, docent aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname en gepromoveerd op interreligieuze relaties, legde de nadruk op kritisch denken als fundament voor postkoloniale samenlevingen. Volgens haar is het grootste probleem van voormalige koloniën niet alleen economische achterstand, maar vooral het ontbreken van structuren die kritisch denken stimuleren en doorgeven aan volgende generaties.

Algoe schetste Suriname als een samenleving waarin kenmerken van de plantagestructuur nog steeds zichtbaar zijn: hiërarchische instituties, autoritaire werkverhoudingen, kwetsbare organisaties en hardnekkige stereotypen. “Onderdrukking kan blijven voortbestaan, zelfs zonder de oorspronkelijke onderdrukker,” was de kern van haar boodschap.

Arbeid en sociale verhoudingen

Econoom en voormalig onderhandelaar van Suriname bij het IMF, Karel Eckhorst haakte daar scherp op in. Zijn stelling, eerder ook in Nederlandse media geuit, dat Suriname geen geld- maar een leiderschapsprobleem heeft leidde tot reacties in de zaal. Eckhorst stelt dat het koloniale denken diep verankerd is in de manier waarop leiders handelen, zelfs wanneer zij formeel onafhankelijk opereren. “We hebben het plantagemodel geïnternaliseerd. Niet alleen in de politiek, maar ook in economie, arbeid en instituties.”

Hij verwees naar zijn ervaringen bij onderhandelingen over staatsfinanciën, waarbij structurele keuzes uitbleven terwijl er wel degelijk geld was. “Het probleem zit niet in gebrek aan kansen, maar in het nalaten om systemen fundamenteel te hervormen. De structuur onder het systeem is hetzelfde gebleven.”

Vakbondsleider Marcelino Nerkust plaatste het debat nadrukkelijk in het perspectief van arbeid en sociale verhoudingen. Hij sprak over de afhankelijkheid waarin grote delen van de bevolking zijn terechtgekomen en stelde kritische vragen over politieke stabiliteit, economische zelfstandigheid en maatschappelijke veerkracht. Nerkust noemt het ontbreken van perspectief voor werkenden een structureel probleem dat niet los gezien mag worden van het koloniale verleden. Tegelijkertijd riep hij op tot reflectie: in hoeverre blijft de samenleving wachten op oplossingen van bovenaf, terwijl zelforganisatie en solidariteit noodzakelijk zijn?

Nerkust noemt het ontbreken van perspectief voor werkenden een structureel probleem dat niet los gezien mag worden van het koloniale verleden”

Rodney als spiegel

Vanuit Curaçao nam schrijfster Filia Kramp telefonisch deel aan het panel. Zij sloot aan bij haar essay Schaduwnatie, waarin zij spreekt over Suriname’s ‘onvoltooide dekolonisatie’. Suriname heeft na de onafhankelijkheid nagelaten een nieuw maatschappelijk model te ontwikkelen. “We zijn doorgegaan op het koloniale raster,” stelde zij. Dat raster was volgens haar niet alleen Europees, maar ook verdeeld én hokjesdenkend.

Zij wees erop dat Surinamers zichzelf nog steeds vaak definiëren in deelidentiteiten, Afro-Surinamer, Hindostaanse-Surinamer en zelden simpelweg als Surinamer. Die manier van kijken werkt volgens haar door in onderwijs, gezondheidszorg, taalbeleid en bestuur.

De centrale vraag, wie vertelt de geschiedenis, en in wiens belang, resoneerde sterk met de discussies. Moderator Tjan A Way verwees daarbij herhaaldelijk naar het belang van historische verhalen vanuit eigen perspectief, een gedachte die ook Anton de Kom al verwoordde.

De bijeenkomst eindigde zonder eenvoudige antwoorden, maar met een duidelijke constatering die door meerdere sprekers werd gedeeld: echte dekolonisatie vraagt om kritisch denken, nieuw leiderschap en de bereidheid om bestaande systemen ter discussie te stellen. ‘Films & diepe taki’ maakte daarmee duidelijk dat Rodney niet slechts een historische figuur is, maar een blijvende referentie voor samenlevingen die blijven zoeken naar de betekenis en invulling van onafhankelijkheid.

Kader

Dr. Walter Rodney (Guyana 1942-1980) was een panafrikanistisch wetenschapper en politieke activist wiens leven en werk zich over de hele wereld uitstrekten. Rodney, geboren in Guyana,  publiceerde diverse werken over Afrika en de Afrikaanse diaspora, waaronder zijn bekendste werk getiteld ‘How Europe Underdeveloped Africa’. Op 13 juni 1980 kwam hij  om het leven bij een auto-explosie in Georgetown. Zijn dood is gehuld in mysterie; het Guyanese regime beweert dat hij werd gedood door een bom die hij naar een gevangenis wilde gooien om mannen vrij te krijgen die op beschuldiging van verraad waren gearresteerd.