Ronnie Brunswijk, ABOP-parlementariër, heeft zich kritisch uitgelaten in De Nationale Assamblee over de voorgestelde hervormingen binnen de rechterlijke macht. Hij verwees naar het recent gehouden congres Modernisering Rechterlijke Macht, georganiseerd door het Centrum voor Democratie en Rechtspleging. “Daar is ondubbelzinnig gebleken dat brede weerstand bestaat tegen de voorgestelde wijzigingen”, zei hij. Onder meer de Surinaamse Orde van Advocaten en de Vereniging van Notarissen hebben zich expliciet tegen de voorstellen uitgesproken, terwijl ook de Anton de Kom Universiteit van Suriname, deze zorgen ondersteunt.
Ook zei Brunswijk, dat men in de Caribische rechtsorde nog terughoudender is. Vanwege de kleinschaligheid en de daarmee gepaard gaande risico’s, is vastgelegd dat een bijzondere aanwijzing van de minister aan de procureur-generaal, eerst door een rechter moet worden getoetst aan het recht. “Niet aan de politieke wenselijkheid, maar aan legaliteit, beginselen van behoorlijk bestuur en behoorlijke procesorde”, aldus Brunswijk. In al deze systemen geldt volgens hem één kern: politieke invloed op vervolging is slecht, slechts onder zware waarborgen aanvaardbaar en bij voorkeur volledig afwezig.
Specifiek ging Brunswijk in op de benoeming van de procureur-generaal. In het huidige systeem is het uitgangspunt, dat deze functie bij voorkeur wordt vervuld door iemand uit de gelederen van het Openbaar Ministerie (OM), met aantoonbare ervaring, professionele inbedding en institutionele kennis. Het Hof van Justitie speelt daarbij een adviserende rol, om professionaliteit en integriteit te waarborgen. Door deze rol van het OM volledig te schrappen, wordt dit uitgangspunt volgens hem, verlaten zonder overtuigende motivering. In geen enkel volwassen rechtsstelsel wordt de leiding van het OM benoemd, zonder zware institutionele filters. Waar politieke invloed formeel mogelijk is, wordt zij materieel begrensd, waarschuwde hij. “Een PG zonder duidelijke professionele verankering zal altijd worden geconfronteerd met vragen over legitimiteit, zowel extern als intern.” Ook het voorstel om de pensioengerechtigde leeftijd van OM-leden terug te brengen van 70 naar 65 jaar, noemde Brunswijk staatsrechtelijk onjuist en organisatorisch onverstandig. De eerdere verhoging was volgens hem juist ingegeven door continuïteit, schaarste aan ervaren functionarissen en de complexiteit van het werk. “Rechters werken door tot hun 70ste, het OM niet. Dat onderscheid is niet logisch, niet uitlegbaar en ondermijnt de eenheid van de rechterlijke macht.” Verder uitte hij kritiek op de voorgestelde termijn van 30 dagen waarbinnen het Hof van Justitie advies moet uitbrengen over benoemingen. Hoewel hij de wens tot voortgang begrijpt, ziet hij hierin een fundamenteel probleem. “In een enkelrechtsstelsel wordt de rechterlijke macht onder druk gezet door eenzijdige fatale termijnen die door de uitvoerende macht worden opgelegd”, zei hij. Overschrijding van de termijn kan bovendien leiden tot benoeming zonder advies, wat volgens hem de rol van het Hof ondermijnt en het institutionele evenwicht verstoort.
Over de invoering van cassatierechtspraak liet Brunswijk weten, inhoudelijk voorstander te zijn. “Suriname is binnen de CARICOM het enige land met slechts één beroepsinstantie. Cassatie kan bijdragen aan rechtseenheid en rechtsontwikkeling”, stelde hij. Juist daarom acht hij maximale constitutionele zorgvuldigheid noodzakelijk. Zijn zorg is dat essentiële aspecten van de hoogste rechter – zoals samenstelling, toezicht en bevoegdheden – grotendeels aan gewone wetgeving worden overgelaten, terwijl tegelijk constitutionele beperkingen worden vastgelegd, die toekomstige alternatieven uitsluiten. Brunswijk wees daarbij op nationaliteits- en woonplaatsvereisten die grondwettelijk worden vastgelegd. Volgens hem zijn kleine rechtsordes juist gebaat bij flexibiliteit en internationale samenwerking. Daarnaast verdwijnt het expliciete toezicht van het Hof van Justitie op de geregelde afdoening van rechtsgedingen, zonder dat duidelijk is welk orgaan deze rol overneemt. “In geen enkel rechtsstelsel laat men toezicht eenvoudigweg vervallen zonder vervanging”, benadrukte hij. Tot slot noemde Brunswijk de voorgestelde instelling van een College van Procureurs-Generaal een voorstel dat naar zijn overtuiging, de grootste risico’s met zich meebrengt voor de Surinaamse rechtsstaat.
The post Brunswijk: ‘Suriname is binnen de CARICOM het enige land met slechts één beroepsinstantie’ ..
- Pokie: ‘Met acht inspecteurs moet SoZaVo 400 instellingen c…..
- BLTO blijft in actie: ‘Eerst zien, dan geloven’..
- Defensie bevordert 42 militairen in kader van interne verst…..
- Fernandez wint presidentschap Costa Rica, partij boekt ruim…..
- Fashion en dance smelten samen in Dance Arena..
- Man dood gevonden in vissersboot..
- Venezuela opent oliesector met nieuwe wet..
- Honderden banen in Surinaamse reisbranche bedreigt door KLM…..
- Fraude houdt verdachte voor oplichting rond perceelaanvrage…..
- Landelijke training Basisvaardigheden Ondernemerschap afger…..
- Brunswijk: onafhankelijkheid pg mag niet worden uitgehold..
- Geen tjauw min..
- Errol Mannes..
- Stichting 8 December 1982: Vertrouwen in pg blijft..
- Tragedie op Marowijnerivier: lichamen alle vier leerkrachte…..
- Saskia Meiland: van geschiedenislerares tot politiek actief…..
- Rumors: de spirit van vroeger is terug..
- Bouva: Surinames invloed in internationale organisaties bep…..
- Bigi Boy Rozenstruik..
- Cool D brengt emoties tot leven in nieuwe single “A Tori Fu…..
- Verdachte ter zake oplichting aangehouden door Fraude..